Fytosanitaire ontwikkelingen in de EU

Publicatiedatum Nieuws: 02 november 2020

Naktuinbouw ondersteunt vrij handelsverkeer en markttoegang. Het is belangrijk dat we dit zo houden. Daarvoor is het ook van belang dat u goed op de hoogte bent van nieuwe fytosanitaire risico’s en regelgeving. Hier leest u de belangrijkste ontwikkelingen en risico’s op fytosanitair gebied.

N.B.: Dit zijn in onze ogen de belangrijkste ontwikkelingen waarover we u willen informeren. Hier kunnen geen rechten aan worden ontleend. Waar mogelijk verwijzen wij naar externe bronnen of verantwoordelijken, zoals de NVWA.

EU-Plantgezondsheidsverordening (PHR)

Op 14 december 2019 werd de EU-Plantgezondheidsverordening 2016/2031/EU (PHR) van kracht. Naktuinbouw implementeerde de nieuwe regelgeving (met de verantwoordelijkheid voor RNQP’s) in keuringskaders per gewas en met instructies voor keurmeesters. Een goed inzicht in de verschillende gewassen die bedrijven telen is daarbij belangrijk. Bij de teeltaangifte vragen we de bedrijven daarom ook te registeren welke gewassen zij telen. Het teeltregister helpt de keurmeester om de juiste controles uit te voeren.

Daarnaast zetten we de registratie van bedrijven - die nog niet eerder in beeld waren - in gang. Dit zijn: producenten van witlofpennen, kerstbomen en graszoden en andere zodevormende producten. Deze bedrijven worden nu geregistreerd en geautoriseerd.  

De ontwikkelingen in de afgelopen maanden (voorjaar tot najaar 2020):

Aanpassing handelsrichtlijnen
De  handelsrichtlijnen voor siergewassen (98/56 en 93/49), groenteplanten (2008/72 en 93/61), groentezaden (2002/55) en fruitgewassen (2008/90 en 2014/98) zijn aangepast volgens uitvoeringsrichtlijn 2020/177. Met deze uitvoeringsrichtlijn wordt de regulering van kwaliteitziekten tot RNQP geformaliseerd in de handelsrichtlijnen. Bij fruit zijn alle kwaliteitsziekten uit 2014/98 RNQP geworden, bij andere gewasgroepen slechts enkele.

De discussie over het samenvoegen van deze handelsrichtlijnen tot één EU verordening Plant Reproductive Material (PRM) lijkt een doorstart te krijgen. Bij het tot stand komen van de PHR en OCR (Official Control Regulation) was dit al de bedoeling. De commissie gaf een externe partij opdracht om de mogelijkheden te onderzoeken. Daarbij worden stakeholders benaderd.

Plantenpaspoortautorisatie: kennis ontsluiten voor bedrijven
Naktuinbouw autoriseert bedrijven om zelf het plantenpaspoort af te geven en aan te brengen. De bedrijven zijn daarmee ‘erkende marktdeelnemers’. Bedrijven moeten op het bedrijf controles uitvoeren in het gewas. Ook moeten zij zorgen dat de planten die in het verkeer worden gebracht aan alle eisen voldoen. Naktuinbouw houdt hier toezicht op en voert daarnaast officiële controles uit.

Om plantenpaspoorten te mogen afgeven moeten bedrijven voldoen aan deze criteria:

  • voldoende kennis over de regelgeving/eisen
  • voldoende kennis over ziekten en plagen die gereguleerd zijn
  • weten hoe ze ziekten en plagen kunnen herkennen en bestrijden

Naktuinbouw en NVWA zijn bezig met de implementatie hiervan. Dit doen zij door de kennis over de gereguleerde ziekten en plagen (Q en RNQP) online aan te bieden en beschikbaar te stellen voor bedrijven. Uiterlijk 14 december 2020 moet dit klaar zijn.

Plantenpaspoort: eindproduct
Naktuinbouw ontving bijna 1.400 extra aanvragen van bedrijven om geregistreerd en geautoriseerd te worden om het plantenpaspoort af te geven. Dit omdat ook pot- en kamerplanten bestemd voor de eindconsument plantenpaspoortplichtig zijn geworden. Omdat veel van deze bedrijven nog nooit waren bezocht door een keurmeester is in het voorjaar van 2020 een inhaalslag gemaakt. De meeste bedrijven hebben nu bezoek gehad van Naktuinbouw. Tijdens deze bezoeken kregen zij informatie over het juiste gebruik van het plantenpaspoort en de verplichte administratie van aan- en verkoop van planten.

Plantenpaspoort: inspectiefrequentie
De EU schrijft voor dat de bevoegde autoriteit (Naktuinbouw) bij erkende marktdeelnemers die zelf plantenpaspoorten afgeven tenminste een keer per jaar keuringen uitvoert op alle percelen. De frequentie kan worden verhoogd bij een hoge omloopsnelheid van het gewas, bijvoorbeeld stekken. Of in geval van een hoog risico product. De NVWA herzag in overleg met Naktuinbouw de verplichte inspectiefrequentie in kader van het plantenpaspoort voor de verschillende gewasgroepen. Zo is deze in lijn met de EU-regelgeving. Let wel: de werkelijke keuringsfrequentie kan hoger zijn. Bijvoorbeeld vanwege aanvullende nationale regelgeving of vanwege de verkeersrichtlijnen.
De inspectiefrequentie is voor alle percelen tenminste één keer per groeiseizoen. Bijkomend voordeel is dat de resultaten van de controles gebruikt kunnen worden voor export. Als de eisen van het derde land natuurlijk overeenkomen met die van de EU. Er is namelijk voorgeschreven dat controles voor exportcertificering officiële controles moeten zijn.

Plantenpaspoort: traceerbaarheidscode
Binnen de EU is discussie over het toepassen van de traceerbaarheidscode bij eindproduct. Dit is de C op het plantenpaspoort. De meeste lidstaten willen geen verplichting voor de code, maar de Commissie lijkt vastberaden. Dit zou een grote extra administratieve last betekenen voor de bedrijven die producten in het handelsverkeer brengen die bestemd zijn voor de eindgebruiker. LNV/NVWA willen de Commissie overtuigen dat de code geen toegevoegde waarde heeft. Er lijkt nu een overeenstemming te zijn om alleen voor de hoog risico gewassen een traceerbaarheidscode te verplichten.

Communicatie
Naktuinbouw houdt een vraag en antwoordpagina over de nieuwe Plantgezondheidsverordening en de plantenpaspoortregelgeving bij op de website.

 

Xylella fastidiosa

Xylella fastidiosa is belangrijke bacterieziekte van olijfbomen en een groot aantal andere waardplanten. Het is op meerdere plekken in de EU aangetroffen. De bacterieziekte wordt gezien als de belangrijkste bedreiging voor de plantgezondheid in de EU. Officieel heeft de EU de volgende gebieden als besmet verklaard:  Italië (Puglia en Toscana),  Frankrijk (Corsica),  Spanje (Balearen).  Xylella fastidiosa is op een aantal andere plaatsen aangetroffen zoals in Portugal rond Porto, Frankrijk in de Provence en Spanje in Alicante. De maatregelen zijn daar nog gericht op uitroeien.

Nederland is gelukkig vrij van Xylella fastidiosa. Uiteraard moeten we goed de vinger aan de pols houden. Ook dit jaar voert Naktuinbouw een survey uit en worden de hoog-risicogewassen getoetst. Dit doen wij in het kader van Fytobewaking, in opdracht van de NVWA.

Nieuwe noodmaatregelen
De Europese commissie stelde nieuwe noodmaatregelen vast om nieuwe introducties in de EU en verdere verspreiding van Xylella fastidiosa te voorkomen (2020/1201/EU). In het SCOPAFF van juli 2020 is hierover gestemd. Deze nieuwe maatregelen[GNB(1]  zijn op 14 augustus 2020 van kracht geworden. Op basis van studie door EFSA is er een update van de lijst waardplanten. Deze aanpassingen gaan vooral over de aanpak in geval van een uitbraak. De bijzondere eisen in kader van afgifte plantenpaspoort inclusief monstername zijn nog steeds alleen van toepassing voor Coffea, Lavandula dentata L., Nerium oleander L., Olea europaea L., Polygala myrtifolia L. en Prunus dulcis. In de nieuwe noodmaatregelen ligt daarbij een sterkere focus op toetsen. Een visuele inspectie is minder zinvol. De symptomen zijn vaak afwezig of onduidelijk. Er worden specifieke toetsintensiteiten voorgeschreven.

Handel met Verenigd Koninkrijk (VK)
In april 2020 publiceerde het VK aanvullende eisen voor de handel van de belangrijkste waardplanten van Xylella fastidiosa. Deze eisen gelden ook voor landen waar Xylella niet voorkomt, inclusief Nederland. De eisen hadden vooral een grote impact op de handel van lavendelplanten. De NVWA gaf Naktuinbouw opdracht om de eisen te implementeren. Dit door een register te maken van bedrijven die handelen met het VK en de aanvullende PZ-plantenpaspoort aan zouden brengen. De NVWA ging akkoord met het voorlopig achterwege laten van het uitvoeren van een extra inspectie in de omgeving van kwekerijen.

De Commissie heeft het VK na enkele weken medegedeeld dat de aanvullende regels ongeldig zijn en moeten worden ingetrokken. Het VK moet namelijk tot 1 januari 2021 de Europese regelgeving volgen. Vanaf die mededeling moest Naktuinbouw ook stoppen met het afgeven van PZ-plantenpaspoorten.

De NVWA sluit niet uit dat de regels weer van kracht worden op 1 januari 2021, als de Brexit een feit is. Omdat de eisen betrekking hebben op het voorgaande teeltseizoen, riep Naktuinbouw bedrijven op om zich opnieuw te melden. De NVWA gaat nu niet meer akkoord met het achterwege laten van de extra inspectie van de omgeving. Ook moeten de bedrijven worden bemonsterd. Alleen bedrijven die bereid zijn die extra kosten te maken, komen in aanmerking voor opname in het register.
Voor meer informatie zie Export waardplanten Xylella fastidiosa naar Verenigd Koninkrijk in 2021.

 

ToBRFV

Nieuwe noodmaatregelen
De Europese Commissie wil de introductie in de EU de verdere verspreiding van het Tomato Brown Rugose Fruit Virus (ToBRFV) voorkomen. Zij stelde nieuwe noodmaatregelen vast. Deze nieuwe maatregelen werden op 15 augustus 2020 van kracht.

(Bron NVWA)

Belangrijkste wijziging is een aanscherping van de toetsverplichting voor tomaten- en paprikazaad ongeacht de origine. De bio assay mag daarvoor niet meer gebruikt worden, omdat met die methode lichte besmettingen worden gemist. ELISA mag in geval van toetsen op zaad nog slechts gebruikt worden tot 1 oktober 2020. Daarna mag alleen PCR worden gebruikt. Voor de detectie van het virus op symptomatisch bladmateriaal mag de ELISA methode nog wel gebruikt worden.

Bij een positieve uitslag moet altijd een bevestiging volgen met een andere (PCR)-toets.  Naktuinbouw is geaccrediteerd om de ELISA-toets en één PCR-toets toe te passen. Wij vragen ook validatie aan voor het toepassen van de tweede PCR-toets. Het laboratorium werkt daarin nauw samen met het NRC in Wageningen.

Elke lidstaat moet daarnaast bij import een monitoring uitvoeren op zaad. Er wordt dan tenminste 20% van de zendingen bemonsterd en getoetst. Naktuinbouw en KCB voeren deze monitoring uit in opdracht van de NVWA.

Zie ook Importmonitoring zaaizaden van tomaat en paprika vanwege ToBRFV

Situatie in Nederland
Er zijn in Nederland tomatenproductiebedrijven besmet of besmet geweest. Bij de teeltwisseling hebben bedrijven extra hygiëne maatregelen moeten nemen. Ook de gewasresten moeten fytosanitair veilig worden afgevoerd. Een aantal bedrijven is na controle inmiddels vrijgegeven. Toch is er ook sprake van bedrijven die bij controle opnieuw besmet bleken. De Commissie voert eind 2020 een audit uit om de aanpak van de uitbraak door Nederland te beoordelen. Naktuinbouw is bij het programma betrokken.

Situatie in Europa
oBRFV is in Europa gemeld door Spanje, Nederland, Duitsland, Italië, Verenigd Koninkrijk, Polen, Griekenland, Frankrijk en recent door Cyprus. Alle lidstaten richten hun maatregelen op het uitroeien van het virus en het voorkomen van nieuwe introducties.

Vondsten buiten Europa 
ToBRFV is buiten de EU officieel gerapporteerd door Israël, Jordanië, Mexico, VS, Turkije en China. De NVWA trof ToBRFV aan op zaad uit diverse landen, onder andere uit Israël en Jordanië (Bron NVWA).

Zie ook de website van EPPO

Laatste ontwikkelingen
De NVWA trof ToBRFV aan in een kleine partij tomatenzaad uit Nederland en in een grote partij tomatenzaad uit Peru. De inzet van de NVWA is gericht op het zo goed mogelijk traceren van de leveringen van het zaad en het informeren van afnemers van mogelijk besmet zaad. De aanwezigheid van plantenpaspoorten van zowel leveringen van zaad als van planten is daarbij cruciaal (Bron NVWA).

Meer informatie?
Zie website NVWA.
 

Fytosanitair risico pollen (stuifmeel)

Pollen worden door de EU-Plantgezondheidsverordening beschouwd als ‘plants for planting’. Pollen vallen echter niet binnen de scope van de verkeersrichtlijn voor groenteplanten of groentezaden. Wel zijn de fytosanitaire eisen die gelden voor ‘plants for planting’ van toepassing voor pollen, als ze in het verkeer worden gebracht.  

Dit betekent bij import dat pollen voorzien moeten zijn van een fytosanitair certificaat, met de bijschrijvingen die voor ‘plants for planting’ gelden. Als er invoerverboden van kracht zijn voor planten, dan geldt dat invoerverbod ook voor de pollen (bijv. Solanaceae). Voor intern verkeer binnen Nederland en de EU geldt dat pollen voorzien moeten zijn van een plantenpaspoort.
 

Importverbod houtige planten

Er geldt in de EU sinds december 2019 een voorlopig invoerverbod voor een aantal houtige gewassen. Een aantal derde landen leverde een dossier aan bij de Commissie om bepaalde soorten te kunnen blijven exporteren naar de EU. De dossiers zijn beoordeeld door EFSA en zijn deels reeds besproken in SCOPAFF. Er is ingestemd met opheffen van het invoerverbod van planten van Albizia en Robinia uit Israël, onder bepaalde voorwaarden. Ook het invoerverbod van Malus uit Servië en Acer uit NZl zal worden opgeheven. Er worden geen aanvullende eisen gesteld.

Er zijn nog dossiers in behandeling die later dit jaar besproken worden: Israël (Jasminum, Persea) en Turkije en Oekraine (o.a. Malus, Ulmus, Prunus dulcis en P. persicae).

Meer informatie?
Invoerverboden en ontheffingen (import)
 

Nieuw te reguleren organismen

De Commissie stelde een groot pakket wijzigingen voor, voor aanpassing van de annexen van de EU-Plantgezondheidsverordening. Daarmee worden mogelijk de volgende organismen gereguleerd:

Prodiplosis longifilia
Polyfage galmug met voornaamste waardplanten Asparagus, Capsicum, Lycopersicum solanum, Solanum tuberosum en Cucurbitaceae (komkommer, meloen, watermeloen). Komt vooral voor in Zuid-Amerika. Het vormt een risico voor de buitenteelt in Zuid-Europa en de kasteelt in Noord-Europa. Grootste risico betreft tomaat- en paprikateelt. De eisen zullen gericht zijn op import van vruchten.

Meloidogyne enterolobii
Wortelknobbelaaltje met zeer brede waardplantenreeks, bijvoorbeeld Cactus, Euphorbia, Ligustrum, Rosa, Fraxinus, Ficus, Sanseviera, Schlefflera en Echinocactus, maar ook zoete aardappel, komkommer, watermeloen, tomaat, paprika en aubergine. 

Komt voor in Zwitserland. Er gaan extra eisen gelden voor de import van planten met wortels uit niet-Europese landen die mogelijk belemmerend werken. De NVWA trof deze soort een aantal keer aan import. Enkele jaren geleden beschouwde de NVWA deze nematode als Q-waardig. Toen werden bij import maatregelen opgelegd. Op basis van een Pest Risk Analysis (PRA) voor de Nederlandse situatie is die status een aantal jaren geleden ingetrokken. De Europese Unie komt nu op basis van een Europese PRA tot een ander besluit: M. enterolobi wordt een quarantaine-organisme.  Bedrijven die eerder bewortelde planten importeerden uit niet-Europese landen worden opgeroepen extra goed op te letten. Bij de fytobewaking trof Naktuinbouw deze wortelknobbelaal al enkele malen aan.

Apriona-soorten
Boktorren afkomstig uit Azië. Zij hebben een brede waardplantenreeks in houtige gewassen. Dit zal leiden tot extra importeisen voor planten voor opplant en hout uit Azië. Bijvoorbeeld voor Ficus carica: zeer waarschijnlijk niet voor het hele geslacht Ficus.

Euwallacea fornicatus
Euwallacea  is een geslacht van snuitkevers die in veel derde landen voorkomt. Bijvoorbeeld in geheel Azië, delen van Midden- en Zuid-Amerika en de VS.  De schade is vooral bekend in de productie van avocado, maar het organisme is ook een risico voor bossen in Europa. Er zullen extra import eisen worden geformuleerd voor planten van een brede reeks houtige gewassen (Acer, Betula, Fagus, Platanus, Populus, Robinia, Salix en Quercus).  Recent is deze kever voor het eerst aangetroffen in Italië.

 

Ontwikkelingen verspreiding quarantaine-organismen in Europa

Een aantal gereguleerde organismen verspreidt zich in de EU. Het is goed om alert te zijn op deze ontwikkelingen:

  • Ceratocystis platani: Deze schimmelsoort komt voor in Zuid-Europa en rukt op naar Noord-Frankrijk. De soort geeft schade aan Platanus.
  • Geosmithia morbida en de vector Pityophthorus juglandis (walnoottakkever) voor het eerst gevonden in Europa, in Italië. De schimmel geeft schade aan Juglans en Pterocarya.
  • Popillia japonica blijft een groot probleem in Italië. Het vormt een bedreiging voor de rest van de EU. Deze kever verplaatst zich binnen Italië en veroorzaakt schade in onder andere Prunus , Ribes, Rubes, Betula, Wisteria en Rosa. Als deze soort in Nederland zou worden gevonden moeten er mogelijk forse maatregelen worden genomen.
  • Phytophthora ramorum is officieel uitgeroeid in Zweden. 
  • Meloidogyne fallax is aangetroffen in Zweden.

 

Import/export

Exportprogramma’s derde landen
Door COVID-19 konden bezoeken door NPPO’s van derde landen dit voorjaar niet plaatsvinden. LNV en de NVWA maakten met Japan, VS en Canada goede afspraken. Hierdoor werd de export niet belemmerd. Voor Rusland was dit niet het geval. Een in maart geplande audit kon op het laatste moment niet doorgaan. Daardoor ontving slechts een beperkt aantal importeurs een invoervergunning voor de import van boomkwekerijproducten uit Nederland. Let wel: om planten aan Rusland te kunnen leveren, moeten bedrijven zich bij Naktuinbouw aanmelden. Er vindt dan een extra keuring plaats om aan de eisen van Rusland en andere landen in de Euraziatische Unie te voldoen.

Zie Export naar Russische Federatie (en Oost Europese Aziatische landen).

 

Official Control Regulation (OCR)

Volgens de OCR moeten certificaten worden afgegeven op basis van ‘official control’. Er moeten inspecties, bemonstering en toetsing worden uitgevoerd door een officieel erkende instantie in de EU. Als gevolg daarvan kan een bedrijf bij export toetsresultaten van laboratoria uit derde landen niet gebruiken. Naktuinbouw ontwikkelde daarom nieuwe toetsen voor export. De NAL-toetsresultaten kunnen wel gebruikt worden bij exportcertificering.

 

Eikenprocessierups

Het VK en Ierland vormen een beschermd gebied (PZ: Protected Zone) voor de eikenprocessierups (Thaumetopoea processionea) op eiken. Dit betekent dat deze landen extra eisen stellen aan de geleverde bomen. Bomen (uitgezonderd Quercus suber) met een omtrek van meer dan 8 cm op 1,2 meter hoogte moeten voldoen aan zeer strenge eisen. In de praktijk betekent dat er geen handel mogelijk is in deze bomen. De reden voor deze regelgeving betrof het grote aantal besmette bomen in het handelsverkeer afkomstig uit de EU, inclusief Nederland. In de zomer en nazomer van 2019 ontving Nederland ongeveer 80 notificaties van onderscheppingen uit het VK. Nederland ontving dit seizoen nog geen notificaties uit het VK vanwege de vondst van eikenprocessierups. Dit kan ook haast niet meer, omdat de handel is gestopt.