Fytosanitaire ontwikkelingen in de EU

Publicatiedatum Nieuws: 07 juni 2021

Naktuinbouw ondersteunt vrij handelsverkeer en markttoegang. Het is belangrijk dat we dit zo houden. Daarvoor is het ook van belang dat u goed op de hoogte bent van nieuwe fytosanitaire risico’s en regelgeving. Hier leest u de belangrijkste ontwikkelingen en risico’s op fytosanitair gebied.

N.B.: Dit zijn in onze ogen de belangrijkste ontwikkelingen waarover we u willen informeren. Hier kunnen geen rechten aan worden ontleend. Waar mogelijk verwijzen wij naar externe bronnen of verantwoordelijken, zoals de NVWA.

Nieuwe nationale Plantgezondheidswet

Op 14 december 2019 trad de EU-Plantgezondheidsverordening in werking. In het verlengde daarvan is in Nederland nationale wetgeving vastgesteld: de Plantgezondheidswet (PGW) en bijbehorende uitvoeringsbesluiten en regelingen. Deze wet vervangt de huidige Plantenziektenwet uit 1951. Per 1 maart 2021 ging de nieuwe Plantgezondheidswet formeel in werking. De nieuwe EU-regelgeving is daarmee volledig vastgelegd in nationale wetgeving. Daarnaast zijn de bijzondere teeltvoorschriften opgenomen in de nieuwe wet, zoals de regeling rond de opsporing van knolcyperus en de AM-regelgeving voor de boomkwekerij. Deze bijzondere voorschriften voert Naktuinbouw uit in opdracht van het ministerie van LNV. 

Herziening EU-Plantgezondheidsverordening (PHR)

De Europese Commissie werkt aan een grote herziening van de annexen van de PHR. Dit betekent dat er nieuwe quarantaine-organismen bijkomen en dat er nieuwe eisen van kracht worden voor zowel import uit derde landen als voor handel binnen de EU.

Intern verkeer
Eén van de veranderingen gaat over de regulering van Phytophthora ramorum binnen de EU. Al geruime tijd zijn er in de EU noodmaatregelen gericht op het uitroeien van deze ziekte, maar dat is niet gelukt. De noodmaatregelen worden daarom opgeheven. Om te voorkomen dat de schimmel zich verder verspreidt in de EU, krijgt de Europese variant de RNQP-status. Er komen bijzondere eisen die ervoor moeten zorgen dat planten bestemd voor opplant vrij zijn. De eisen komen in grote lijnen overeen met de huidige noodmaatregelen maar ze gaan gelden voor een bredere groep planten. Naast Camellia Rhododenddron en Viburnum onder andere ook voor:

  • Fraxinus excelsior
  • Vaccinium,
  • Castanea sativa
  • Pseudotsuga menziesii
  • En een aantal Larix en Quercus soorten

Import
Daarnaast worden bij import nieuwe eisen van kracht die vooral houtige gewassen met groeimedum gaan treffen. Voor grotere bomen wordt import uit een groot aantal derde landen een stuk lastiger. Een selectie van de nieuwe eisen met mogelijk meeste impact:

  • Meloidogyne enterolobii
    Eisen van toepassing op alle planten met wortels, behalve in vitro planten en op groeimedium.
    Import wordt beperkt voor landen waar de soort voorkomt, onder andere landen in Midden- en Zuid-Amerika maar ook Kenia, India en China.  Deze soort heeft een brede waardplantenreeks.
  • Popillia japonica  (geen nieuwe Q, wel nieuwe eisen)
    Eisen van toepassing op alle planten met groeimedium behalve in vitro planten. Import wordt beperkt voor landen waar de soort voorkomt: India, Japan, VS, Canada, Rusland, Zwitserland en China.  
  • Euwallacea fornicatus sensu lato (geen nieuwe Q, wel nieuwe eisen)
    Eisen gaan gelden voor een groot aantal houtige gewassen, onder andere Ficus altissima, Ficus carica, Acacia, Acer, Albizia en diverse palmen. De eisen gelden voor alle derde landen en voor besmette landen (vrijwel geheel Azië en Midden-Amerika) wordt het nagenoeg onmogelijk om nog planten te importeren die groter zijn dan 2 cm doorsnede, tenzij ze tenminste 6 maanden voor export in een kas hebben gestaan of van een bedrijf komen waarvan de omgeving van 1 km rond het bedrijf vrij is bevonden van deze keversoort. Daarnaast moet vlak voor export worden getoetst.
  • Apriona germari,  Apriona rugicollis en Apriona cinerea
    Eisen gelden voor een groot aantal houtige gewassen, onder andere diverse ficus soorten. Voor besmette landen (China, Rusland, Midden-Oosten, grote delen van Azië) gelden bijzondere eisen en met name voor planten kleiner dan 1 cm doorsnee wordt import lastiger: 2 jaar voor export in de kas, of bedrijf is vrij inclusief zone van 2 km rond het bedrijf. Daarnaast moet vlak voor export worden getoetst.

Meer informatie?

Op de pagina Plantenpaspoort en Plantgezondheidsverordening Vraag en Antwoord vindt u meer informatie.

Euwallacea fornicatus sensu lato

Deze kleine schorskever werd begin 2021 gevonden op twee plekken in tropische kassen in Duitsland. De planten waren in mei 2020 geleverd via Nederland, maar de oorsprong van de bomen ligt buiten de EU. De NVWA voerde traceringsonderzoek uit en bevestigde de aanwezigheid van deze soort en ook van twee andere niet-Europese Scolitinae in grotere planten van onder andere Ficus en Artocarpus. De uitbraak is gemeld aan de Europese Commissie. De maatregelen zijn gericht op uitroeien: besmette planten moeten worden vernietigd en er zijn vallen opgehangen op de locaties. Daarnaast is de NVWA van plan om een survey uit te voeren bij andere bedrijven die vergelijkbare planten importeren uit derde landen. Deze schorskevers maken deel uit van de familie van niet-Europese Scolitinae, die allemaal een Q zijn in de EU. Een aantal soorten staan er ook om bekend dat zij schadelijke schimmelziekten kunnen overbrengen. Ze kunnen worden aangetroffen op heel veel verschillende tropische plantensoorten. Naktuinbouw is daarom extra alert bij de importinspecties en bij bedrijven die dit soort planten produceren uit geimporteerde jonge planten.

Xylella fastidiosa

Deze belangrijke plantenziekte komt in de EU al in een aantal landen voor, maar alle inspanningen zijn erop gericht om de ziekte uit te roeien. De volgende delen van de EU zijn besmet: Italië (grote delen van Apulia – onder andere Puglia-, Toscana),  Frankrijk (Corsica, Monaco, delen van Provence-Alpes-Cote d’Azur, delen van Occitanië), Spanje (Valencia, rond Madrid, Balearen), Portugal (rond Porto).

Om de verspreiding van de bacterie te stoppen zijn strenge noodmaatregelen van kracht die niet alleen impact hebben op de EU-lidstaten die een besmetting hebben. Alle bedrijven die hoog risico producten in het verkeer brengen moeten tenminste 1 keer per jaar bemonsterd en getoetst worden op afwezigheid van Xylella fastidiosa. Deze extra check geldt voor alle bedrijven met planten (inclusief potplanten bestemd voor eindgebruiker) van Coffea, Lavandula dentata, Nerium oleander, Olea europaea, Polygala myrtifolia en Prunus dulcis. Zonder bemonstering mag het materiaal niet in het verkeer worden gebracht.

Volgens dezelfde noodmaatregelen moeten alle derde landen die willen exporteren naar de EU schriftelijk bevestigen dat het land vrij is van Xylella fastidiosa op basis van een officiële survey en op basis van inspecties, bemonstering en moleculaire toetsen. Zonder enige communicatie richting de Europese Commissie is export van de waardplanten naar de EU niet mogelijk. De afgelopen maanden leidde dat er toe dat de EU de import verbood van planten uit onder andere Ghana, Sri Lanka en Zuid-Afrika. Als derde landen besmet zijn of als ze onderzoek niet kunnen uitvoeren voor het gehele land, dan kunnen ze ervoor kiezen om een gebied of een bedrijf als ‘vrij van Xylella’ te verklaren. In dat geval moet bij import een monster worden genomen van elke zending. De afgelopen maanden gold dit onder andere voor Ethiopië, Oeganda, Tanzania, Israël, China, Argentinië en VS. Inmiddels is van alle belangrijke importlanden de juiste informatie gedeeld met de Europese Commissie, waardoor er geen importbeperkingen meer gelden.

ToBRFV

  • Nieuwe noodmaatregelen
    De Europese Commissie heeft opnieuw de noodmaatregelen voor het Tomato Brown Rugose
    Fruit Virus (ToBRFV)  aangepast. De aangepaste maatregelen werden op 26 januari 2021 van kracht en hebben vooral betrekking op het toetsen van zaaizaden (bron NVWA Nieuwe EU verplichting ToBRFV voor PCR-toetsgarantie zaden | Nieuwsbericht | NVWA).
    Belangrijkste wijziging is de verplichting om per 1 april alle zaad wat in het verkeer wordt gebracht te toetsen met PCR. Deze verplichting geldt ook voor zaad dat op voorraad ligt bij bedrijven en wat nog niet eerder in het verkeer is gebracht. Daarnaast moet er bij import van zaad 20% van de zendingen worden bemonsterd en getoetst op ToBRFV. Naktuinbouw heeft een teststraat geopend om de grote hoeveelheid monsters snel te kunnen verwerken.
  • Situatie in Nederland
    Er zijn in Nederland op dit moment ruim 20 tomatenproductiebedrijven besmet (bron: NVWA). Een deel van deze bedrijven was al eerder besmet maar blijkt na teeltwissseling opnieuw niet vrij te zijn. De Europese Commissie voerde eind 2020 een audit uit in Nederland om de aanpak van de uitbraak door Nederland te beoordelen. Naktuinbouw was bij het programma betrokken. De Commissie was in grote lijnen zeer tevreden over de aanpak.
  • Situatie in EU
    ToBRFV is in Europa gemeld door Spanje, Nederland, Duitsland, Italië, Polen, Griekenland, Frankrijk, Cyprus en nu ook door Tsjechië en België. Alle lidstaten richten hun maatregelen op het uitroeien van het virus en het voorkomen van nieuwe besmettingen.

Meer informatie?
Zie ook de website van de NVWA: Tomato brown rugose fruit virus (ToBRFV) | NVWA


Mogelijke nieuwe risico’s

  • Nieuw virus in Eik
    Duitsland vond in Quercus robur een nieuw virus met de voorlopige naam CORaV (common oak ringspot associated virus). Besmette bomen vertonen chlorotische kringen op het blad. Het virus is op verschillende locaties in Duitsland gevonden, maar ook in Zweden en Noorwegen. Er is meer onderzoek nodig naar het virus voordat er iets gezegd kan worden over eventuele fytosanitaire eisen.
  • Stigmaeopsis longus
    Nederland rapporteerde een nieuwe spintmijt op bamboe (Phyllostachys aurea) die niet eerder in Europa is aangetroffen. Het betreft de Stigmaeopsis longus, een soort die van oorsprong uit Japan komt en vooral cosmetische schade aan het blad geeft. Uit een risicoanalyse van de NVWA blijkt dat de soort waarschijnlijk goed in Europa zou kunnen overleven. De NVWA verwacht dat de soort al langer in Nederland aanwezig is en neemt geen aanvullende maatregelen. 


Ontwikkelingen quarantaine-organismen in Europa

  • Tomato Leaf Curl New Delhi virus (Frankrijk)
    Frankrijk heeft in open teelten het Tomato Leaf Curl New Delhi virus aangetroffen, waarvan tweemaal op courgette. De producent nam de duidelijke visuele symptomen waar en deed melding aan de overheid. Dit Begomovirus heeft in de EU de quarantainestatus en wordt overgedragen door Bemisia tabaci. Het virus komt in Nederland voor zover bekend niet voor, maar het is goed om alert te zijn. Er zijn vondsten gerapporteerd in Spanje, Italië en Griekenland. Belangrijke waardplanten zijn naast courgette ook komkommer, pompoen, tomaat, paprika en aubergine. Er zijn bijzondere eisen van kracht voor de productie van groenteplanten van solanaceae en cucurbitaceae. Er wordt vanuitgegaan dat het virus niet zaadoverdraagbaar is, daarom zijn er geen eisen van kracht voor zaad. De symptomen van het virus lijken sterk op die van het nauw verwante virus Tomato Leaf Curl Virus (RNQP), maar deze laatste komt niet voor in de cucurbitaceae.
  • Eotetranychus lewisi (Duitsland en Portugal)
    Duitsland meldde in november 2020 twee uitbraken van de spintmijt Eotetranychus lewisi in Euphorbia (kerststerren onder glas). Een Nederlands bedrijf had het plantmateriaal geleverd. Dit is een quarantaine organisme wat tot nu toe niet voorkwam in Nederland. Naktuinbouw helpt de NVWA bij het traceringsonderzoek. Deze mijt kan gemakkelijk over het hoofd worden gezien omdat hij sterk lijkt op de bonenspintmijt en de anjermijt die net als Eotetranychus lewisi in veel gewassen in de kas kunnen voorkomen. De schade aan de planten is ook vergelijkbaar. De bonenspintmijt komt niet voor op Euphorbia, dus als je in dit gewas symptomen van spintmijt ziet, dan is het waarschijnlijk E. lewisi. Dit organisme is een Q en is dus meldingsplichtig. Belangrijke waardplanten: Euphorbia, Fragaria, Rubus, Citrus, Ricinus, Cucurbita, Ficus, Hydranchea, Rosa, Solanum en Vitis.
    Ook Portugal meldde begin 2021 de vondst van deze soort in Euphorbia, in een privétuin in de Algarve. Tot nu toe had Portugal deze spintmijt alleen in Madeira aangetroffen. Portugal nam maatregelen om de soort uit te roeien en blijft de situatie in de regio volgen.
  • Scirtothrips aurantii (Spanje)
    Tijdens de surveyactiviteiten trof Spanje (Andalucia) voor het eerst Scirthotrhips aurantii aan in Citrus en aardbei. Deze trips is een Q in de EU en komt oorspronkelijk uit Afrika. De soort kan behalve op Citrus en aardbei ook voorkomen op ander softfruit (Rubus, Vaccinium). Spanje doet er alles aan om deze trips, die ook een aantal virussen kan overbrengen, uit te roeien. 

Kennis over fytosanitaire ontwikkelingen delen wij samen met NVWA ook in het Kennispodium 'Nieuwe Narigheid'.

Beeld: Schorskever (Euwallacea fornicatus sensu lato). ©Rachel Osborn, Southeast Asian Ambrosia Beetle ID, USDA APHIS PPQ, Bugwood.org