De handleiding vaste planten geeft een overzicht van de eisen op de productie en handel van vaste planten.
De handleiding freesia geeft een overzicht van de eisen op de productie en handel van Freesia
De handleiding Nerine en Amerine geeft een overzicht van de eisen op de productie en handel van Nerine en Amerine
Naast de eisen uit het keuringsreglement geldt een extra verplichting bij het verhandelen van bloemzaden en bloemzadenmengsels aan professionele afnemers. Op de verpakking of in de bijbehorende leveringsdocumenten moet de botanische naam van de betreffende soort(en) worden vermeld. Minimaal moet de geslachtsnaam genoteerd worden.
Deze verplichting volgt uit de verkeersrichtlijn voor het in de handel brengen van sierteeltgewassen en ondersteunt het toezicht door de bevoegde autoriteiten. Op basis van de botanische naam moet de toezichthouder, zoals Naktuinbouw of een andere bevoegde autoriteit binnen de EU, kunnen vaststellen of het mengsel geen soorten bevat waarvoor een certificaat- of plantenpaspoortplicht geldt.
Onder bepaalde voorwaarden is het toegestaan om stekken van Petunia en Calibrachoa uit Kenia en Guatemala te importeren. Dit programma valt onder toezicht van de NVWA en Naktuinbouw.
Dit is nodig om het fytosanitaire registratienummer te krijgen. U kunt uw bedrijf makkelijk via onze website aanmelden voor registratie. Na het verwerken van uw aanvraag nemen we contact met u op voor een kennismakingsbezoek. Tijdens dit bezoek kan de keurmeester eventuele vragen die u nog heeft beantwoorden.
Het gaat om de alle gewassen waarbij het gebruiksdoel teeltmateriaal van siergewassen is.
De actuele versie van de Europese Unie wet- en regelgeving vindt u op Eur-lex.europa.eu. Om de juiste informatie te vinden, zoekt u met de naam of het nummer van de wet- of regelgeving op deze website.
Achter letter 'D' komt de tweeletter-code van het land van oorsprong: een EU-lidstaat of een derde land. We spreken over een derde land als het materiaal van buiten EU is geïmporteerd. Vermeld de letters NL als het een Nederlands product is.
Komt het materiaal uit meerdere landen? Dan noteert u deze allemaal bij 'D', gescheiden door een komma. Om te controleren welke code u voor welk land moet gebruiken, raadpleegt u de Landenlijst ISO-code van de NVWA.
Product van buiten Nederland wordt op een gegeven moment 'fytosanitair Nederlands'.
Hiervoor zijn regels opgesteld door de NVWA:
Basisvoorwaarde is dat het product gedurende de genoemde periode onder Nederlandse omstandigheden moet worden geteeld door een professionele teler.
Definitie Bonsai: geteeld in relatief weinig groeimedium om zo een miniatuurplant te verkrijgen. Bij twijfel of onduidelijkheid of het product onder de definitie bonsai past valt deze automatisch onder de categorie Houtige gewassen.
Met dit formulier vraagt u een verklaring aan voor uw bloemisterij-/siergewas.
Om uw omzetopgave voor bloemen en groente in te vullen download u de Excel Omzetopgave.
Om uw omzetopgave voor handelsbedrijven boomkwekerij in te vullen download u de Omzetopgave brief handelsbedrijven Boomkwekerijsector
Deze vult u in en stuurt u ons per e-mail toe.
De volgende zaden zijn paspoortplichtig:
Geen plantenpaspoort:
Wel plantenpaspoort:
De traceerbaarheidscode (EN: Traceability code, zie punt 5 in de bijlage van verordening 2017/2313/EU) is verplicht voor alle teeltmateriaal. Voor potplanten die zonder verdere voorbereiding klaar zijn voor verkoop aan de eindgebruiker (dus in de 'eindverpakking'), is deze code niet verplicht (zie art. 83.2a van de PHR), tenzij er sprake is van een PZ-plantenpaspoort (bijvoorbeeld bacterievuurwaardplanten).
Dat betekent dat u op die producten dus geen 'unieke' traceerbaarheidscode/partijnummer of iets dergelijks hoeft mee te gegeven. Potten, hoezen of steeketiketten kunt u bijvoorbeeld allemaal met dezelfde informatie bedrukken.
Maar:
De traceerbaarheidscode geldt wel voor potplanten van:
Dus:
U hoeft de traceerbaarheidscode in principe niet te melden op het plantenpaspoort als planten voor de eindconsument bestemd en klaargemaakt zijn. De letter C moet wel altijd op het plantenpaspoort staan, ook als de traceringscode niet verplicht is. In dat geval staat er achter C dan dus geen informatie.
Het is niet toegestaan om een verzamelcode te gebruiken. Zie NVWA register Eisen en coderingen voor beschermde gebieden. De vermelding van de 'EPPO-code' of de volledige naam van alle 'Organismen' is verplicht. Dit kunt u doen door deze op te sommen. De term "Plant Passport-PZ" mag maar 1x worden gebruikt.