Lees voor
Siergewassen

1 / 1

Siergewassen moeten bij het in de handel brengen in de EU voldoen aan bepaalde eisen. Deze eisen staan beschreven in EU Richtlijn 98/56/EG betreffende het in de handel brengen van teeltmateriaal van siergewassen. Aanvullend staan voorwaarden beschreven in het Keuringsreglement en beleidsregels Naktuinbouw. De plantgezondheidseisen zijn altijd van toepassing.

Veelgestelde vragen (FAQ)

Bent u nog niet geregistreerd bij Naktuinbouw?

Dit is nodig om het fytosanitaire registratienummer te krijgen. U kunt uw bedrijf makkelijk via onze website aanmelden voor registratie. Na het verwerken van uw aanvraag nemen we contact met u op voor een kennismakingsbezoek. Tijdens dit bezoek kan de keurmeester eventuele vragen die u nog heeft beantwoorden.

Waarom een fytosanitair registratienummer?

Door de EU-Plantgezondheidsverordening 2016/2031/EU (Plant Health Regulation in het Engels) mag ieder bedrijf slechts één keer met een officieel, uniek, fytosanitair registratienummer worden geregistreerd. Om de lasten voor het bedrijfsleven zo laag mogelijk te houden, is er een nationaal gezamenlijk systeem van de keuringsdiensten en de NVWA. Dit is gekoppeld aan de inschrijving bij de KvK. Zo hoeft een bedrijf zich maar éénmaal te melden bij een loket (keuringsdienst).

Hoe ziet het fytosanitair registratienummer eruit?

Dit is een 9-cijferig nummer. Op het plantenpaspoort (bij letter B:) wordt dit voorafgegaan door NL (de iso-landcode) en een koppelteken. Voorbeeld: NL-123456789. Andere lidstaten kiezen een eigen notatie voor het registratienummer.

Wanneer wijzigt mijn fytosanitair registratienummer?

Bij de registratie bij de Kamer van Koophandel is een combinatie van KvK-nummer en vestigingsnummer uitgegeven. De combinatie van deze twee nummers is gekoppeld aan uw fytosanitaire registratienummer. Overweegt u een wijziging van bedrijfsvorm, hou dan rekening met onderstaande belangrijke mededeling.

Heeft een wijziging van bedrijfsvorm bij de KvK consequenties voor het fytosanitair registratienummer?

Als u uw bedrijf bijvoorbeeld laat omzetten naar een andere rechtsvorm doe dit dan altijd op statutaire basis. U behoudt dan de combinatie van KvK-nummer en vestigingsnummer. Uw fytosanitaire registratienummer blijft dan ook behouden. De koppeling is immers bekend in de NVWA-database.

Let op Statutair wijzigen kan alleen met een BV, NV, Vereniging, Stichting met volledige rechtsbevoegdheid Als er een beperkte rechtsbevoegdheid op rust, kan het ook niet-statutair gewijzigd worden. De statuten moeten aanwezig zijn en ondertekend zijn door een notaris. Een VOF, eenmanszaak of maatschap kan nooit statutair gewijzigd worden. Houd hier dus bij registratie bij de KvK rekening mee.

Wanneer heb ik een nieuw fytosanitair registratienummer nodig?

Als u uw bedrijf niet-statutair wijzigt, dan heeft u een nieuw fytosanitair registratienummer nodig. Het oude verpakkingsmateriaal wat u bijvoorbeeld met het fytosanitaire registratienummer in voorraad laat drukken is dan niet meer geldig. U krijgt immers een nieuw fytosanitair nummer. Het oude materiaal mag u vanaf dat moment niet meer gebruiken.

Hoe geef ik wijzigingen door?

Geef een wijziging bij de KvK altijd door aan de administratie van Naktuinbouw. Dit geldt ook voor andere wijzigingen die te maken hebben met uw bedrijfsgegevens. Stuur hiervoor een e-mail. Geef in de mail duidelijk aan welke gegevens wijzigen.

Wat zijn de contactgegevens van de andere keuringsdiensten?
Welke gewassen moeten aan de voorwaarden voor bosbouwkundig teeltmateriaal voldoen?
  • Abies alba, Abies cephalonica Loud.
  • Abies grandis Lindl.
  • Abies pinsapo Boiss.
  • Acer platanoides L.
  • Acer pseudoplatanus L.
  • Alnus glutinosa Gaertn.
  • Alnus incana Moench.
  • Betula pendula Roth
  • Betula pubescens Ehrh.
  • Carpinus betulus L.
  • Castanea sativa Mill.
  • Cedrus atlantica Carr.
  • Cedrus libani A. Richard
  • Fagus sylvatica L.
  • Fraxinus angustifolia Vahl.
  • Fraxinus excelsior L.
  • Larix decidua Mill.
  • Larix x eurolepis Henry
  • Larix kaempferi Carr.
  • Larix sibirica Ledeb.
  • Picea abies Karst.
  • Picea sitchensis Carr.
  • Pinus brutia Ten.
  • Pinus canariensis C. Smith
  • Pinus cembra L.
  • Pinus contorta Loud.
  • Pinus halepensis Mill.
  • Pinus leucodermis Antoine
  • Pinus nigra Arnold
  • Pinus pinaster Ait.
  • Pinus pinea L.
  • Pinus radiata D. Don
  • Pinus sylvestris L.
  • Populus spp. en kunstmatige hybriden van die soorten
  • Prunus avium L.
  • Pseudotsuga menziesii Franco
  • Quercus cerris L.
  • Quercus ilex L.
  • Quercus petraea Liebl.
  • Quercus pubescens Willd.
  • Quercus robur L.
  • Quercus rubra L.
  • Quercus suber L.
  • Robinia pseudoacacia L.
  • Tilia cordata Mill.
  • Tilia platyphyllos Scop
Kan ik niet-bosbouwkundig teeltmateriaal ook onder dezelfde voorwaarden verhandelen?

Elke lidstaat kan toestemming geven voor bepaalde soorten om materiaal in passende hoeveelheden in de handel te brengen voor niet-bosbouwkundig teeltmateriaal (NBBK). Nederland geeft toestemming voor Fagus en Carpinus. Dit zijn gewassen die veel voor haagaanplant gebruikt worden.

Wat moet ik doen als ik Fagus of Carpinus wil uitzaaien met beoogd gebruiksdoel bosbouwkundig teeltmateriaal?

Dan moet er een inzameldocument (eigen inzameling) of een leveranciersdocument NBBK aanwezig zijn.

Koopt u zaad in uit andere EU-landen? Dan moet er een document bij dit zaad te zijn wat aangeeft dat het voor niet-bosbouwkundige doeleinden is. Kiest u ervoor om Fagus en Carpinus voor NBBK op te zetten? Dan maakt u tijdens de administratieve controle aantoonbaar dat het materiaal wat u kweekt ook daadwerkelijk verkocht wordt voor haag.

Waar kan ik EU Richtlijn 1999/105/EG vinden?

De actuele versie van de Europese Unie wet- en regelgeving vindt u op Eur-lex.europa.eu. Om de juiste informatie te vinden, zoekt u met de naam of het nummer van de wet- of regelgeving op deze website.

Waar kan ik het Keuringsreglement en beleidsregel vinden?

Het Keuringsreglement en beleidsregel voor Nederland ligt vast in de Zaaizaad- en plantgoedwet. De actuele versie van de Nederlandse wet- en regelgeving vindt u op wetten.nl. Om de juiste informatie te vinden, zoekt u met de naam van de wet- of regelgeving op deze website.

Hoe kan ik mij aanmelden dat ik voornemens ben boomzaden te verzamelen?

Voorgenomen inzamelingen geeft u op via mijnNaktuinbouw. Lees in de Handleiding Bosbouwkundig teeltmateriaal hoe dit werkt. Alleen voor vooraf aangemelde partijen zaden kunnen wij een officieel herkomstdocument (basiscertificaat) opmaken. Dat document heeft u nodig om de zaden te kunnen verkopen of uit te zaaien.

Hoe gaat het inzamelen van boomzaden precies?

In de Circulaire zaadinzameling 2023 staat waar, wat, hoe en wanneer er geraapt mag worden. Ook is beschreven welke documenten en etikettering noodzakelijk is.

Welke informatie moet ik aan Naktuinbouw verstrekken om keuring op de voorwaarden aan bosbouwkundig teeltmateriaal mogelijk te maken?

Voor iedere perceel/partijopgave opgave voor gewaskeuring is de volgende informatie nodig:

  • partij/bed nummer
  • aantal
  • kg uitgezaaid
  • geslacht/ soort
  • aantal bedden
  • lengte bedden
  • leeftijd
  • basiscertificaatnummer
  • herkomst
  • Certificering ja/nee
Waaruit bestaat de keuring door Naktuinbouw?

Tijdens een keuring kijkt uw Naktuinbouw-keurmeester naar de aantallen geplant/gezaaid op basis van tellen/schattingen. U heeft een labeling/goed kwekerijboek van de partijen die u heeft opgeven voor de keuring. Ook controleert de keurmeester de aanwezigheid van de certificaten van het uitgezaaide of geplante materiaal.

In de loods / kuil en bij levering moeten de partijen voorzien zijn van een etiket. Hierop staan minimaal deze gegevens:

  • Soort
  • Basiscertificaatnummer
  • Herkomstgebied
  • Partijnummer
Hoe verkrijg ik een leveranciersdocument voor bosbouwkundig teeltmateriaal?

Voor het maken of laten maken van leveranciersdocumenten bent u vrij in uw keuze. Dit mag u zelf doe; via uw huisdrukker, toeleverancier of via mijnNaktuinbouw. Let op: de documenten die u zelf maakt of laat maken, moeten vooraf door Naktuinbouw geautoriseerd zijn.

Wat moet ik op de verzendlijst zetten?

Op de verzendlijst moet de staan: “tenzij anders aangegeven, zijn de planten op deze lijst, die onder de richtlijn (1999/105/EC) vallen, niet bedoeld voor bosbouwdoeleinden”

Wordt er materiaal verkocht aan bijvoorbeeld spillenkwekers voor opzet van onderstammen? Dan kan dit ook zonder leverancierscertificaat geleverd worden mocht de afnemer hier geen behoeft aan hebben. Partijen hebben dan wel een onderliggend basis/leverancierscertificaat op het bedrijf van de leverancier.

Welke documenten heb ik nodig bij het in het verkeer brengen van bosbouwkundig teeltmateriaal (BBK)?

Basiscertificaat:
Deze wordt afgegeven door Naktuinbouw voor Zaad en Stek Richtlijn- niet richtlijn soorten (conform de richtlijn 1999/105/EG)

Leverancierscertificaat:
Dit is een begeleidend certificaat voor zaad en planten. Het basiscertificaatnummer is leidend. Dit certificaat is een document van de leverancier.

Welke documenten heb ik nodig bij het in het verkeer brengen van Niet-bosbouwkundig teeltmateriaal (NBBK)?

Inzameldocument NBBK:
Dit wordt afgegeven door Naktuinbouw. Inzameling voor NBBK dient in het programma SPB te worden ingevoerd. Naktuinbouw geeft hier goed- of afkeuring voor.

Leveranciersdocument NBBK:
Dit is het document dat gebruikt wordt als zaden worden verhandeld.

Welke gewassen moeten aan de voorwaarden voor fruitgewassen voldoen?

Castanea sativa, Citrus, Corylus avellana, Cydonia oblonga, Ficus carica, Fortunella, Fragaria, Juglans regia, Malus, Olea europaea, Pistacia vera, Poncirus, Prunus amygdalus, Prunus armeniaca, Prunus avium, Prunus cerasus, Prunus domestica, Prunus persica, Prunus salicina, Pyrus, Ribes, Rubus, Vaccinium

Waar kan ik EU Richtlijn 2008/90/EG, 2014/96/EU, 2014/97/EU en 2014/98/EU vinden?

De actuele versie van de Europese Unie wet- en regelgeving vindt u op Eur-lex.europa.eu. Om de juiste informatie te vinden, zoekt u met de naam of het nummer van de wet- of regelgeving op deze website.

Waar kan ik het Keuringsreglement en beleidsregel vinden?

Het Keuringsreglement en beleidsregel voor Nederland ligt vast in de Zaaizaad- en plantgoedwet. De actuele versie van de Nederlandse wet- en regelgeving vindt u op wetten.nl. Om de juiste informatie te vinden, zoekt u met de naam van de wet- of regelgeving op deze website. 

Hoe kan ik controleren of een ras is toegelaten als fruitgewas?

Een overzicht van fruitrassen is te vinden in de Nederlandse handelslijst fruitgewassen. Dit is een kopie van het Nederlandse rassenregister fruit, aangevuld met extra informatie zoals handelsaanduidingen en selecties. In deze lijst zijn ook rassen opgenomen die in Nederland verhandeld worden en niet in het NRR staan, maar elders in de EU geregistreerd zijn (bv. bij CPVO of een andere nationale lijst). In deze lijst kunt u ook opzoeken of de fruitgewassen die u teelt certificeerbaar zijn.

Aan welke eisen moet plantmateriaal bestemd voor fruitgewassen voldoen?
Aan welke eisen moet ik als teler van fruitgewassen voldoen?
Welke eisen zijn er aan etiketteren, plomberen en verpakken van teeltmateriaal van fruitgewassen?
Welke certificeringen en accreditaties heeft Naktuinbouw-keuringen?

Keuringen heeft drie verschillende certificeringen/accreditaties:

  1. NEN-EN-ISO 9001:2015
  2. NEN-EN-ISO/IEC 17020:2017
  3. ISTA Accreditation
Waar kan ik mij aanmelden voor nieuwsbrieven?

U kunt zich voor onze nieuwsbrieven aanmelden op onze website: www.naktuinbouw.nl/nieuwsbrief

Waar kan ik jullie accreditaties vinden?

Op onze website vindt u meer informatie over onze accreditaties.

Welke gewassen moeten aan de voorwaarden voor groentezaden voldoen?

Groentezaden van de volgende gewassen, bestemd voor land- of tuinbouw, met uitzondering van de sierteelt

Allium cepa L.

— Cepa Groep (Ui, Echalion)

— Aggregatum Groep (Sjalot)

Allium fistulosum L. (Stengelui)

— alle rassen

Allium porrum L. (Prei)

— alle rassen

Allium sativum L. (Knoflook)

— alle rassen

Allium schoenoprasum L. (Bieslook)

— alle rassen

Anthriscus cerefolium (L.) Hoffm. (Kervel)

— alle rassen

Apium graveolens L.

— Selderij Groep

— Knolselderij Groep

Asparagus officinalis L. (Asperge)

— alle rassen

Beta vulgaris L.

— Rode Biet Groep (Rode biet, inclusief Cheltenham beet)

— Snijbiet Groep (Snijbiet)

Brassica oleracea L.

— Boerenkool Groep

— Bloemkool Groep

— Sluitkool Groep (Rode en wittekool)

— Spruitkool Groep

— Koolrabi Groep

— Savooiekool Groep

— Broccoli Groep (Calabrese- en sprouting type)

— Palmkool Groep

— Tronchuda-groep (Portugese kool)

Brassica rapa L.

— Chinese Kool Groep

— Meiraap Groep

Capsicum annuum L. (Paprika en Spaanse peper)

— alle rassen

Cichorium endivia L. (Krulandijvie/Andijvie)

— alle rassen

Cichorium intybus L.

— Witlof Groep

— Bladcichorei Groep (Bladcichorei)

— Industriële Cichorei Groep (Wortelcichorei)

Citrullus lanatus (Thunb.) Matsum. & Nakai (Watermeloen)

— alle rassen

Cucumis melo L. (Meloen)

— alle rassen

Cucumis sativus L.

— Komkommer Groep

— Augurk Groep

Cucurbita maxima Duchesne (Pompoen)

— alle rassen

Cucurbita pepo L. (Courgette, met inbegrip van rijpe pompoen en 

al dan niet rijpe patissons)

— alle rassen

Cynara cardunculus L.

— Artisjok Groep

— Kardoen Groep

Daucus carota L. (Wortel en voederwortel)

— alle rassen

Foeniculum vulgare Mill. (Knolvenkel)

— Azoricum Groep

Lactuca sativa L. (Sla)

— alle rassen

Solanum lycopersicum L. (Tomaat)

— alle rassen

Petroselinum crispum (Mill.) Nyman ex A. W. Hill

— Bladpeterselie Groep

— Wortelpeterselie Groep

Phaseolus coccineus L. (Pronkboon)

— alle rassen

Phaseolus vulgaris L.

— Stamboon Groep

— Stokboon Groep

Pisum sativum L.

— Rondzadige Doperwt Groep

— Kreukzadige Doperwt Groep

— Peul Groep

Raphanus sativus L.

— Radijs Groep

— Rammenas Groep

Rheum rhabarbarum L. (Rabarber)

— alle rassen

Scorzonera hispanica L. (Schorseneer)

— alle rassen

Solanum melongena L. (Aubergine)

— alle rassen

Spinacia oleracea L. (Spinazie)

— alle rassen

Valerianella locusta (L.) Laterr. (Veldsla)

— alle rassen

Vicia faba L. (Tuinboon)

— alle rassen

Zea mays L.

— Suikermais Groep

— Pofmais Groep

Alle hybriden van de hierboven vermelde soorten en groepen

Waar kan ik EU Richtlijn 2002/55/EG vinden?

De actuele versie van de Europese Unie wet- en regelgeving vindt u op Eur-lex.europa.eu. Om de juiste informatie te vinden, zoekt u met de naam of het nummer van de wet- of regelgeving op deze website.

Wanneer en hoe moet een bedrijf dat teeltmateriaal wil verhandelen zich registreren bij Naktuinbouw?

Brengt u teeltmateriaal van een gewas in de handel? Dan moet u zich registreren bij Naktuinbouw. U kunt voor de registratie contact opnemen met de teamadministratie van de afdeling Keuringen.

Vul het registratieformulier op deze website in.

Vervolgens doorloopt uw aanvraag de volgende stappen:

  • Aanvraag tot registratie
  • Toewijzing keurmeester
  • Afspraak met keurmeester
  • Definitieve registratie

Bedrijven die alleen aan consumenten leveren of verkopen, zoals tuincentra of bouwmarkten, hoeven zich niet te registreren

Waaruit bestaat de keuring door Naktuinbouw?

Naktuinbouw houdt, gedurende het teelt- en afleverseizoen, toezicht op de bedrijfsvoering van geregistreerde bedrijven. Daarbij letten we op verschillende aspecten: administratie, bedrijfshygiëne, eigen kwaliteitscontroles en traceerbaarheid (goede identificatie) van het product. De keurmeesters van Naktuinbouw controleren de kwaliteit van uw teeltmateriaal. Het gaat daarbij om raszuiverheid, rasechtheid, gezondheid en uitwendige kwaliteit. De controles bestaan uit regelmatige bedrijfsbezoeken, administratieve controles en steekproeven. Door Naktuinbouw afgekeurd teeltmateriaal mag u niet verhandelen. Producenten van teeltmateriaal zijn zelf verantwoordelijk voor de kwaliteit van hun product.

Nacontroles
Op groente- en bloemzaden verricht Naktuinbouw nacontroles op rasechtheid, raszuiverheid, gezondheid en kwaliteit door middel van laboratoriumbepalingen en door middel van uitzaai en beoordeling op de proeftuin van Naktuinbouw. Daarvoor neemt de keurmeester steekproefsgewijs monsters bij de leveranciers van teeltmateriaal.

Instandhoudingscontroles
Naktuinbouw controleert de systematische instandhouding van rassen door leveranciers. Daarvoor controleert de keurmeester de instandhoudingsadministratie.

Welke informatie moet ik aan Naktuinbouw verstrekken voor de keuring op de voorwaarden voor groentezaden?

Perceelgegevens:

  • Naam
  • Adres

Partijgegevens per perceel:

  • Gewas
  • Ras
  • Partijnummer
  • Netto partij-areaal in are
  • Herkomst zaad/plantgoed
  • Zaaidatum
  • Periode van
  • Periode tot
  • Partij- of productienummer zaaizaad
  • Type.
Welke kenmerking en/of vervoersdocumenten moeten bij het teeltmateriaal van zaden aanwezig zijn als ik het in het handelsverkeer breng?

De voorwaarden voor kenmerking die gelden voor het in de handel brengen van zaden staan beschreven in het Keuringsreglement van Naktuinbouw. Zie bijlage 4; Voorschriften voor uniforme opdruk voor verpakkingen van zaadpartijen.

Wat is een verpakkingscode en wat moet ik gebruiken als code?

Op verpakte groente- en bloemzaden moet het sluitingsseizoen vermeld staan.

De volgende gegevens zijn van belang:

  • Jaar van verpakken
  • Het daaropvolgende jaar

Dus verpakt in 2023 wordt: 2023/2024

Op kleine verpakkingen mogen de gegevens in code worden vermeld. Jaarlijks stelt Naktuinbouw de code voor het jaar vast.

  • De verpakkingscode van 2023: N of 5
  • De verpakkingscode van 2024: J of 2

Verpakking met de code voor het volgende jaar mag pas vanaf 1 januari van dat zelfde jaar in het verkeer worden gebracht. Eerder verpakkingen op deze wijze etiketteren is wel toegestaan.

Hoe kan ik een zaadpartij voor groentegewassen binnen de EU verhandelen als een ras nog in de procedure is voor opname in de nationale rassenlijst?

Elke in een lidstaat gevestigde kweker kan toestemming aanvragen om een groenteras, dat nog in aanvraag is voor opname in de nationale rassenlijst, binnen de EU te mogen verhandelen. De kweker heeft daarvoor aan de lidstaat specifieke technische gegeven verstrekt, conform Richtlijn 2004/842/EG en Richtlijn 2002/55/EG bijlage II en III.

Wat zijn de regels voor het in de handel brengen van amateurrassen?

De regels voor het aanmelden en in de handel brengen van amateurrassen, instandhoudingsrassen en landrassen wijken af van die voor gangbare rassen. Dit is terug te lezen in richtlijn 2009/145/EG.

Voor groentezaden vallend onder de verkeersrichtlijn geldt dat alleen zaad van een geregistreerd ras in het verkeer mag worden gebracht. Dat geldt in principe ook voor amateur zaad; veel van dat zaad is van rassen die gewoon geregistreerd zijn. Er is een mogelijkheid om een ras speciaal en exclusief te registereren voor de amateur markt; er geldt dan een lichter regime voor het registeren van het ras (en een lager tarief). Hier wordt beperkt gebruik van gemaakt.  Een ras hoeft echter niet geregistreerd te worden als het zaad exclusief bestemd is voor de consument en de omzet onder de €500,- blijft. Dit zaad mag dan echter niet verpakt worden als standaardzaad. Immers, standaardzaad  is zaad van geregistreerde rassen.

Welke gewassen moeten aan de voorwaarden voor siergewassen voldoen?

Het gaat om de alle gewassen waarbij het gebruiksdoel teeltmateriaal van siergewassen is.

Waar kan ik EU Richtlijn 98/56/EG vinden?

De actuele versie van de Europese Unie wet- en regelgeving vindt u op Eur-lex.europa.eu. Om de juiste informatie te vinden, zoekt u met de naam of het nummer van de wet- of regelgeving op deze website.

Waar kan ik het Keuringsreglement en beleidsregel vinden?

Het Keuringsreglement en beleidsregel voor Nederland ligt vast in de Zaaizaad- en plantgoedwet. De actuele versie van de Nederlandse wet- en regelgeving vindt u op wetten.nl. Om de juiste informatie te vinden, zoekt u met de naam van de wet- of regelgeving op deze website.

Waar kan ik mij aanmelden voor nieuwsbrieven?

U kunt zich voor onze nieuwsbrieven aanmelden op onze website: www.naktuinbouw.nl/nieuwsbrief

Hoe vraag ik autorisatie onder BOOT aan?

Vul hiervoor het aanvraagformulier op de website in

Waarom BOOT?

BOOT is ontwikkeld omdat per 1 januari 2022 bemonstering van tomatenzaden en paprikazaden zonder autorisatie niet langer is toegestaan wanneer de toetsuitslagen nodig zijn voor een officiële verklaring (afgifte plantenpaspoorten en exportcertificering).

Hoe kan ik BOOT aanvragen?

U vult het aanvraagformulier in. Na ontvangst stellen we een overeenkomst met u op.

Waaraan moet ik voldoen voor BOOT?

Meer over de norm leest u op de pagina 3.9.1 Norm

Wat is de doorlooptijd voor bemonstering door de keurmeester?

Vraag een bemonstering minimaal een week van tevoren aan. Na bemonstering duurt het maximaal 15 werkdagen voordat u de toetsuitslag van het laboratorium ontvangt.

Waar vind ik de EU-noodmaatregelen voor monstername en toetsing op zaden voor ToBRFV?

Bekijk deze pagina op de website van de NVWA.

Wat is in de voorwaarden het verschil tussen 8.2.3 en 8.2.4?

8.2.3 is van toepassing op blends van (relatief kleine) zaadpartijen en 8.2.4 is van toepassing op grotere zaadpartijen.

Bijvoorbeeld: een partij van 2 miljoen tomaten zaden afkomstig van een uitbestede zadenproductie (dus niet uit de eigen veredeling), dan geldt 8.2.4, dus minimaal 3.000 zaden. En niet 8.2.3, die in dat geval 3% zou voorschrijven, wat 60.000 zaden zou betekenen.

Wat wordt in paragraaf 8.2.5 van de voorwaarden bedoeld met unit?

Het gaat hier om verpakkingsunit.

Klopt het dat combinatietoetsen onder BOOT niet zijn toegestaan?

Ja dat klopt. De NVWA staat niet toe om gedurende de looptijd van de noodmaatregel hier anders mee om te gaan.

Waar vind ik meer informatie over Naktuinbouw Elite?
Hoe moet het plantenpaspoort eruit zien?

In verordening 2017/2313/EU zijn de vormvoorschriften voor het plantenpaspoort aangegeven met een aantal voorbeelden. De vorm en grootte mogen afwijken, u kunt dus zelf kiezen voor lettertype en grootte. Wat verder van belang is: de informatie moet zichtbaar zijn, met blote oog leesbaar, geplaatst in rechthoekige of vierkante vorm, gescheiden van andere aanduidingen en afbeeldingen. De onderdelen met letters A, B , C en D moeten herkenbaar zijn.

Welke kleur gebruik ik voor de lay-out op het plantenpaspoort?

Hiervoor verwijzen we u naar het verordening 2017/2313/EU.
Citaat: The flag of the Union may be printed in colour, or in black and white, either with white stars on black background or vice versa.

Het belangrijkst is de vlag van de EU.

De vlag van de EU moet duidelijk herkenbaar zijn. Dit wil zeggen; een rechthoekige vorm met 12 sterren geplaatst in een cirkel. Het heeft de voorkeur de vlag af te beelden in blauw met gele sterren. Andere variaties zijn echter ook mogelijk. Bijvoorbeeld:

  • zwart-wit
  • wit-zwart
  • in twee contrasterende kleuren (bijvoorbeeld een achtergrond kleur waarop een silhouette van de EU vlag wordt gedrukt)

De tekst op het plantenpaspoort moet duidelijk leesbaar zijn. Er is hierover geen kleur voorgeschreven.

Wat verstaan we onder botanische naam?

Botanische namen kunnen bestaan uit 1 deel (geslacht), 2 delen (geslacht + soort) of 3 delen (geslacht + soort + cultivar).
Verordening 2017/2313/EU spreekt over 'botanische naam van de plantensoorten of taxa...' en facultatief de naam van de variëteit.

De botanische naam bij de letter A op het plantenpaspoort van een individuele plant is minimaal op geslachtsniveau, maar mag met de soort en ook cultivar/variëteit worden uitgebreid.

Zorg dat u de juiste botanische naam gebruikt. Hiervoor gebruikt u de database Searchplant

Ik verwerk meerdere geslachten in één product/handelseenheid. Welke botanische naam gebruik ik?

We kennen als producten zogenaamde 'arrangementen'; bijvoorbeeld bakjes met meerdere plantengeslachten, ‘hanging baskets’ etc.  In die gevallen mogen er op één plantenpaspoort meerdere geslachtsnamen vermeld worden. Het plantenpaspoort is dan op die bak, of aan die basket is bevestigd.

We kennen als producten ook zogenaamde 'mixen'. Bijvoorbeeld een tray met gemengde cactussen of orchideeën. In die gevallen mag de familienaam (bijvoorbeeld Cactaceae of Orchidaceae) gebruikt worden, in plaats van alle geslachten te noemen. Let wel: niet alle lidstaten accepteren deze werkwijze. Informeer altijd bij uw klant of dit wordt geaccepteerd.

Als in een handelseenheid meerdere geslachten aanwezig zijn, mogen ook meerdere familienamen gebruikt worden op het plantenpaspoort. Denk bijvoorbeeld aan een handelseenheid met cactussen en succulenten, die bestaat uit geslachten behorend tot de CactaceaeCrassulaceae en Euphorbiaceae. Er moeten dan ook werkelijk planten behorend tot de genoemde families in de handelseenheid aanwezig zijn. Let wel: ook hier geldt dat  sommige lidstaten slechts één botanische naam per plantenpaspoort toestaan. Informeer altijd bij uw klant of dit wordt geaccepteerd.

Bij producten die geënt zijn, gebruikt u de botanische naam van het bovenste deel. Ook als het onderste deel een andere botanische naam heeft.

Wat is het land van oorsprong bij zaden?

Achter letter 'D' komt de tweeletter-code van het land van oorsprong: een EU-lidstaat of een derde land. We spreken over een derde land als het materiaal van buiten EU is geïmporteerd. Vermeld de letters NL als het een Nederlands product is.

Komt het materiaal uit meerdere landen? Dan noteert u deze allemaal bij 'D', gescheiden door een komma. Om te controleren welke code u voor welk land moet gebruiken, raadpleegt u de Landenlijst ISO-code van de NVWA.

Wat is het land van oorsprong?

Achter letter 'D' komt de tweeletter-code van het land van oorsprong: een EU-lidstaat of een derde land. We spreken over een derde land als het materiaal van buiten EU is geïmporteerd. Vermeld de letters NL als het een Nederlands product is.

Komt het materiaal uit meerdere landen? Dan noteert u deze allemaal bij 'D', gescheiden door een komma. Om te controleren welke code u voor welk land moet gebruiken, raadpleegt u de Landenlijst ISO-code van de NVWA.

Product van buiten Nederland wordt op een gegeven moment 'fytosanitair Nederlands'.

Hiervoor zijn regels opgesteld door de NVWA:

Basisvoorwaarde is dat het product gedurende de genoemde periode onder Nederlandse omstandigheden moet worden geteeld door een professionele teler.

  • Houtige gewassen = boomkwekerijmateriaal  (uitgezonderd vaste planten) = 1 groeiseizoen
     
  • Bonsai of Citrus-achtige = 2 maanden

Definitie Bonsai: geteeld in relatief weinig groeimedium om zo een miniatuurplant te verkrijgen. Bij twijfel of onduidelijkheid of het product onder de definitie bonsai past valt deze automatisch onder de categorie Houtige gewassen.

  • Algemeen: zoals; stekken, kruidachtige vaste planten, potplanten: Alles wat niet valt onder Houtige gewassen, Bonsai of Citrus-achtige = 4 weken
Mag een plantenpaspoort handgeschreven zijn?

Ja dit mag onder de volgende voorwaarden:

  1. Het sjabloon is geprint met de EU vlag, letters A, B, C en D, het woord Plant Passport en eventueel een kader. Hierbij zijn de juiste vlakken open om ingevuld te kunnen worden.
  2. De tekst is in blokletters geschreven
  3. Deze werkwijze is opgenomen in de Bedrijfsautorisatie plantenpaspoort
Wat moet ik regelen om zelf mijn plantenpaspoort aan te mogen brengen?

Let op, alleen een plantenpaspoort autoriseren is niet voldoende. Lees: Wat is een plantenpaspoortautorisatie? voor alle voorwaarden.

Voor het zelf aanbrengen van een plantenpaspoort kan Naktuinbouw u autoriseren. Vul het aanvraagformulier Bedrijfsautorisatie plantenpaspoort digitaal in en stuur het ons per e-mail toe. Zorg ervoor dat u de juiste voorbeelden van de gebruikte plantenpaspoort uitingen (bv. hoes, steeketiket, etc.) als bijlagen meestuurt. Dit mag een foto zijn van de vorm waarin u het plantenpaspoort gaat gebruiken. Zorg ervoor dat deze duidelijk in beeld zijn. Zo kunnen wij de gegevens van het plantenpaspoort controleren. Ook moet het duidelijk zijn op welke producten u het plantenpaspoort gaat gebruiken. Bijvoorbeeld een foto van het steeketiket, tray of hoes.

Gebruikt u plantenpaspoorten die hetzelfde zijn, maar is alleen de botanische naam (bij A) anders? U hoeft dan niet elke naam aan ons voor te leggen. Controleert u dan zelf of de naam die u wilt gaan gebruiken juist is. Hiervoor gebruikt u de database Searchplant

U wordt door Naktuinbouw geautoriseerd na het doorlopen van de volgende stappen :

  1. Verificatie van de door u opgegeven informatie bij de aanvraag
  2. De keurmeester uw bedrijf heeft bezocht en heeft geconstateerd dat u aan alle voorwaarden voldoet
  3. Beoordeling van de plantenpaspoort voorbeelden die u wilt gaan gebruiken

Voor het volledig invullen van de autorisatie is ook het fytosanitair registratienummer en het Naktuinbouw relatienummer nodig. Zorg er dus voor dat u deze klaar hebt liggen.

Hoe dien ik een klacht in over geleverd teeltmateriaal?

U kunt bij Naktuinbouw klachten indienen over geleverd teeltmateriaal, of bij meningsverschillen tussen leverancier en afnemer over de kwaliteit van het materiaal.
Ga naar deze pagina om het klachtenformulier in te vullen.
Lees hier meer over de klachtenprocedure.

Hoe vraag ik een verklaring aan voor mijn groentegewas?

Vul dit formulier in om een verklaring voor uw groentegewas aan te vragen.
Voorbeeldverklaringen: registratieverklaring, NON GMO, Certificate of conformity, opname ras als derde landen synoniem of op interne Naktuinbouwlijst, verlening autorisatie voor een groenteras die nog niet officieel is toegelaten, instandhoudersverklaring of ISTA monsternameverklaring.

Hoe vraag ik een verklaring aan voor mijn siergewas?

Met dit formulier vraagt u een verklaring aan voor uw bloemisterij-/siergewas.

Hoe vraag ik een verklaring aan voor mijn boomkwekerijgewas?

Met dit formulier vraagt u een verklaring aan voor uw boomkwekerijgewas.

Welke gewassen moeten aan de voorwaarden voor groenteplanten voldoen?

Het gaat om de volgende gewassen:
Allium cepa L.
Cepa Groep (Ui, Echalion)
Aggregatum Groep (Sjalot)
Allium fistulosum L. (Stengelui)
alle rassen Allium porrum L. (Prei)
alle rassen Allium sativum L. (Knoflook)
alle rassen Allium schoenoprasum L. (Bieslook)
alle rassen Anthriscus cerefolium (L.) Hoffm. (Kervel)
alle rassen Apium graveolens L.
Selderij Groep 
Knolselderij Groep Asparagus officinalis L. (Asperge)
alle rassen Beta vulgaris L.
Rode Biet Groep (Rode biet, inclusief Cheltenham beet)
Snijbiet Groep (Snijbiet) Brassica oleracea L.
Boerenkool Groep
Bloemkool Groep
Sluitkool Groep (Rode en wittekool)
Spruitkool Groep
Koolrabi Groep
Savooiekool Groep
Broccoli Groep (Calabrese- en sprouting type)
Palmkool Groep
Tronchuda Groep (Portugese kool) Brassica rapa L.
Chinese Kool Groep
Meiraap Groep Capsicum annuum L. (Paprika en Spaanse peper)
alle rassen Cichorium endivia L. (Krulandijvie/Andijvie)
alle rassen Cichorium intybus L.
Witlof Groep
Bladcichorei Groep (Bladcichorei)
Industriële Cichorei Groep (Wortelcichorei)
Citrullus lanatus (Thunb.)
Matsum. et Nakai (Watermeloen)
alle rassen Cucumis melo L. (Meloen)
alle rassen Cucumis sativus L.
Komkommer Groep
Augurk Groep Cucurbita maxima Duchesne (Pompoen)
alle rassen Cucurbita pepo L. (Courgette, met inbegrip van rijpe pompoen en al dan niet rijpe patissons)
alle rassen Cynara cardunculus L.
Artisjok Groep
Kardoen Groep Daucus carota L. (Wortel en voederwortel)
alle rassen Foeniculum vulgare Mill. (Knolvenkel)
Azoricum Groep Lactuca sativa L. (Sla)
alle rassen Solanum lycopersicum L. (Tomaat)
alle rassen Petroselinum crispum (Mill.) Nyman ex A. W. Hill
Bladpeterselie Groep
Wortelpeterselie Groep Phaseolus coccineus L. (Pronkboon)
alle rassen Phaseolus vulgaris L.
Stamboon Groep
Stokboon Groep Pisum sativum L.
Rondzadige Doperwt Groep
Kreukzadige Doperwt Groep
Peul Groep Raphanus sativus L.
Radijs Groep
Rammenas Groep Rheum rhabarbarum L. (Rabarber)
alle rassen Scorzonera hispanica L. (Schorseneer)
alle rassen Solanum melongena L. (Aubergine)
alle rassen Spinacia oleracea L. (Spinazie)
alle rassen Valerianella locusta (L.) Laterr. (Veldsla)
alle rassen Vicia faba L. (Tuinboon)
alle rassen Zea mays L.
Suikermais Groep
Pofmais Groep

Waar kan ik EU-Richtlijn 2008/72/EG vinden?

De actuele versie van de Europese Unie wet- en regelgeving vindt u op Eur-lex.europa.eu. De juiste informatie zoekt u door invulling van de naam of het nummer van de wet- of regelgeving op deze website.

Waaruit bestaat de keuring door Naktuinbouw?

Naktuinbouw houdt, gedurende het teelt- en afleverseizoen, toezicht op de bedrijfsvoering van geregistreerde bedrijven. Daarbij letten we op verschillende aspecten: administratie, bedrijfshygiëne, eigen kwaliteitscontroles en traceerbaarheid (goede identificatie) van het product. 

De keurmeesters van Naktuinbouw controleren de kwaliteit van uw teeltmateriaal. Het gaat daarbij om raszuiverheid, rasechtheid, gezondheid en uitwendige kwaliteit. De controles bestaan uit regelmatige bedrijfsbezoeken, administratieve controles en steekproeven.

Producenten van teeltmateriaal zijn zelf verantwoordelijk voor de kwaliteit van hun product.

Door Naktuinbouw afgekeurd teeltmateriaal mag u niet verhandelen.

Welke kenmerking en vervoersdocumenten moeten bij het teeltmateriaal aanwezig zijn als ik het in het handelsverkeer breng?

Uw teeltmateriaal moet voorzien zijn van een afleverbon/leveranciersdocument volgens Europese Unie voorschriften. De informatie op deze documenten moet aan de voorschriften voldoen.

Mijn perceel ligt (gedeeltelijk) over de Nederlandse grens. Wie keurt het buitenlandse perceel/-deel?

Sinds de EU-Plantgezondheidsverordening voeren de Nationale autoriteiten zelf de wettelijke fytosanitaire (veld)keuringen uit op het eigen grondgebied.

Daardoor doet u, in die gevallen, voor hetzelfde perceel teeltaangifte bij zowel Naktuinbouw als bij de keuringsdienst in een andere EU-lidstaat.

U bent daarbij zelf verantwoordelijk voor de zorg dat:

  • uw percelen gekeurd worden door de nationale keuringsdienst. 
  • de daar geteelde partijen met de juiste documenten naar het moederbedrijf in Nederland gaan. De keurmeesters van Naktuinbouw controleren hierop.

Uitzondering: 

  • Percelen of perceeldelen in het grensgebied van Vlaanderen. 
    Door een samenwerkingsovereenkomst met het Departement Landbouw & Visserij van het Vlaams Gewest in België voeren wij hier wel de (veld)keuringen uit.

Hoe registreer ik deze percelen?

  • Registreren boomkwekerijgewassen in Nederland
  • Registreren bloemisterijgewassen in Nederland
  • Registreren groentegewassen in Nederland
  • Registreren eindproduct (pot- perk-, of kuipplanten) in Nederland

Adressen van autoriteiten in het buitenland

  • België
    F.A.V.V. – Administratief centrum Kruidtuin, Food Safety Center, Kruidtuinlaan 55, B-1000 Brussel, België
    Vlaamse overheid, Agentschap voor Landbouw en Visserij (AW), Koning Albert II-laan 35, bus 41, B-1030 Brussel, België
    Een officiële, geldige AM-vrij verklaring van de percelen kan alleen de F.A.V.V. afgeven.
  • Frankrijk
    DRAF SRPV PICARDIE, Allée de la Croix Rompue, 518, Rue Saint Fuscien, BP 69, 80092 Amiens, Frankrijk
    Een officiële, geldige AM-vrij verklaring van de percelen kan alleen de SRPV afgeven. Naktuinbouw geeft uw teelt van eerstejaars plantuitjes door aan SOC in Frankrijk.
  • Duitsland
    Federal Ministry of Food and Agriculture, Div. 714, Plant Health, Phytosanitary affairs in export, Rochusstrasse 1, 53123 Bonn

Keuringen voor certificering van erkenningssystemen als Naktuinbouw Select Plant of Naktuinbouw Elite voeren wij wel uit in de grensgebieden.

Wat staat er op het plantenpaspoort voor fruitgewassen?

De formats van de paspoorten vloeien voort uit uitvoeringsverordening 2017/2313/EU.
De gepresenteerde formats zijn voorbeelden waaraan een plantenpaspoort moet voldoen. In deel A van de bijlagen van 2017/2313/EU staan voorbeelden van deze plantenpaspoorten. 
Dit zijn de vaste elementen op het plantenpaspoort:
• in de linkerbovenhoek: de EU-vlag (in kleur of zwart-wit)
• in de rechterbovenhoek: het woord Plant Passport

  • Eventueel mag voor Plant Passport, Plantenpaspoort worden toegevoegd gescheiden door een forward slash (/)
    Dus: Plantenpaspoort / Plant Passport
     

Wat verder van belang is: de informatie moet zichtbaar zijn, met blote oog leesbaar en geplaatst in rechthoekige of vierkante vorm. De items A, B, C en D zijn verwerkt in de certificeringsinformatie

Vooerbeelden zijn beschikbaar in de handleiding keuringen fruitgewassen Naktuinbouw, Voorbeelden Etiketten: waarmerkstrookjes, kistkaartjes en palletkaarten

Hoe vraag ik een erkenningscertificaat aan?

Dit doet u het Formulier aanvraag erkenningscertificaat in te vullen 

Hoe dien ik mijn omzetopgave in?

Om uw omzetopgave voor bloemen en groente in te vullen download u de Excel Omzetopgave.

Om uw omzetopgave voor handelsbedrijven boomkwekerij in te vullen download u de Omzetopgave brief handelsbedrijven Boomkwekerijsector

Deze vult u in en stuurt u ons per e-mail toe.

Welke groentezaden zijn plantenpaspoortplichtig?

De volgende groentezaden zijn paspoortplichtig:

  • Allium cepa
  • Allium porrum
  • Capsicum annuum
  • Phaseolus coccineus
  • Phaseolus vulgaris
  • Solanum lycopersicum
  • Pisum sativum
  • Vicia faba
Welke zaden van siergewassen zijn plantenpaspoortplichtig?

De volgende zaden zijn paspoortplichtig:

  • Allium sp.
  • Capsicum sp.
  • Helianthus annuus
  • Solanum lycopersicum 
Welke zaden van fruitgewassen zijn plantenpaspoortplichtig?

De volgende zaden zijn paspoortplichtig:

  • Prunus avium
  • Prunus armeniaca
  • Prunus cerasus
  • Prunus domestica
  • Prunus dulcis
  • Prunus persica
  • Prunus salicina

(zaden van Prunus voor sierdoeleinden vallen buiten de plantenpaspoortplicht)

Welke uitzonderingen zijn er voor de plantenpaspoortplicht?
  • Verkoop direct aan de niet-commerciële eindgebruiker. Dat betekent dat er bij verkoop vanuit bijvoorbeeld een tuincentrum of winkel aan de particuliere consument geen plantenpaspoort meer bij het product hoeft te zitten. Bij verkoop op afstand (webshop) is een plantenpaspoort wel verplicht.
  • Vervoer van ‘planten bestemd voor opplant’ binnen en tussen bedrijfsruimten van hetzelfde bedrijf in Nederland.
Welke uitzonderingen zijn er voor de plantenpaspoortplicht voor groentezaden?
  • Verkoop direct aan de niet-commerciële eindgebruiker. Dat betekent dat er bij verkoop vanuit bijvoorbeeld een tuincentrum of winkel aan de particuliere consument geen plantenpaspoort meer bij het product hoeft te zitten. Bij verkoop op afstand (webshop) is een plantenpaspoort wel verplicht.
  • Vervoer van ‘planten bestemd voor opplant’ binnen en tussen bedrijfsruimten van hetzelfde bedrijf in Nederland.
  • Vervoer van zaden voor onderzoek, selectie, veredeling, toetsen, bewerken en contractteelt, behalve als er bijzondere fytosanitaire eisen van kracht zijn (bijvoorbeeld ToBRFV in tomaat en paprika). 
Welke bijzonderheden zijn er voor bepaalde producten betreffende de plantenpaspoortplicht?

Geen plantenpaspoort:

  • Gezaagde kerstbomen worden gezien als snijtak en zijn daarom niet registratie- en plantenpaspoortplichtig
  • Mos, dat verkocht wordt als decoratiemateriaal.
  • Snijbloemen waarbij een stukje Tillandsia is toegevoegd. Voor de Tillandsia is in dit geval geen plantenpaspoort noodzakelijk
  • Zeewier

Wel plantenpaspoort:

  • Tillandsia wat los verkocht wordt tussen bedrijven. Bijvoorbeeld een bakje Tillandsia wat verkocht wordt om toegevoegd te worden aan arrangementen
  • Graszoden en andere zodevormende producten
  • Kerstbomen met wortel
  • Witlofpennen
  • Mos: levend mos op een substraat
  • Medicinale Cannabis (het gaat om plantmateriaal)
Wat kost het werken met het plantenpaspoort?

Voor de kosten van het plantenpaspoort en bijbehorende inspectiekosten verwijzen wij naar onze tarieven.

Let op: elke locatie van uw bedrijf wordt tenminste eenmaal per jaar bezocht.

Meer informatie over onze tarieven en hoe deze tot stand komen.

Wat is een plantenpaspoortautorisatie?

Plantenpaspoortplichtige producten kunnen alleen in het verkeer worden gebracht met een goedgekeurd en geldig plantenpaspoort. Bedrijven mogen dit zelf doen als zij voldoen aan Reglement bedrijfsautorisatie plantenpaspoortafgifte voor het grondgebied van de Europese Unie. Als u hieraan voldoet dan kunt u de Bedrijfsautorisatie plantenpaspoort aanvragen. Bij deze aanvraag geeft u aan welk format plantenpaspoort u wilt gaan gebruiken. Let op, voordat u zelf 'dagelijks' plantenpaspoorten mag maken

en aanbrengen wordt dit beoordeeld. De keurmeester zal uw bedrijf bezoeken en zal een gewasbeoordeling en een administratieve controle uitvoeren. Op basis hiervan wordt besloten of u geautoriseerd wordt. Hiervan ontvangt u een door Naktuinbouw ondertekende verklaring.

Vanaf dat moment voert Naktuinbouw jaarlijks een administratieve controle om vast te stellen of u nog steeds voldoet aan de voorwaarden voor deze autorisatie. Daarnaast komt de keurmeester tenminste eenmaal per jaar op het perceel een keuring uitvoeren, maar de rest van het jaar bent u zelf verantwoordelijk.

Ik importeer vanuit een land buiten de Europese Unie (EU). Mag ik aan dat materiaal een plantenpaspoort bevestigen?

Nee!

Bij import van plantenpaspoortplichtige producten stelt het land buiten de EU een fytosanitair certificaat (FC) op en stuurt dat met de zending mee. Bij import in de EU voert de keuringsdienst een controle op het FC en een importinspectie uit. Als het materiaal voldoet aan alle eisen voor de EU, dan kan de importeur over het materiaal beschikken. Vanaf dat moment mag een plantenpaspoort gebruikt worden.

Ik verkoop zaden via internet aan eindconsumenten in Nederland, wat voor regels zijn hiervoor van toepassing?

Er hoeft bij verkoop binnen Nederland geen plantenpaspoort bij zaden die via internet aan eindconsumenten worden verkocht. Dit is een pragmatische invulling van Nederland. Worden de zaden naar eindconsumenten in andere lidstaten verstuurd, dan moet er wel een plantenpaspoort worden aangebracht.

Verkoopt u zaad onder andere via internet aan eindconsumenten in Nederland, dan moet u zich registreren en voldoen aan de administratieve verplichting.
Bedrijven met alleen een webshop kunnen zich bij het KCB registreren.  

Ik verkoop via internet, wat voor regels zijn hiervoor van toepassing?

Bij verkoop via internet (webshop) zijn 'plants for planting' plantenpaspoortplichtig tot en met de eindconsument.

Elke verzending naar een eindconsument moet dus een plantenpaspoort per kleinste handelseenheid hebben.

Dit is anders dan bij verkoop via een fysiek verkooppunt. In dat geval moeten 'plants for planting' bij het laatste fysieke verkooppunt met een plantenpaspoort aankomen. Bij verkoop aan de eindconsument hoeft in dat geval geen plantenpaspoort meegegeven te worden.

Wanneer is een traceerbaarheidscode nodig?

De traceerbaarheidscode (EN: Traceability code, zie punt 5 in de bijlage van verordening 2017/2313/EU) is verplicht voor alle teeltmateriaal. Voor potplanten die zonder verdere voorbereiding klaar zijn voor verkoop aan de eindgebruiker (dus in de 'eindverpakking'), is deze code niet verplicht (zie art. 83.2a van de PHR), tenzij er sprake is van een PZ-plantenpaspoort (bijvoorbeeld bacterievuurwaardplanten). 
Dat betekent dat u op die producten dus geen 'unieke' traceerbaarheidscode/partijnummer of iets dergelijks hoeft mee te gegeven. Potten, hoezen of steeketiketten kunt u bijvoorbeeld allemaal met dezelfde informatie bedrukken.

Maar:
Vanaf 31 december 2021 geldt de traceerbaarheidscode wel voor potplanten van Citrus, Coffea, Lavandula dentata L, Nerium oleander L.,  Olea europea L., Polygala myrtifolia L., — Prunus dulcis (Mill.) D.A.Webb.

Dus:  
U hoeft de traceerbaarheidscode in principe niet te melden op het plantenpaspoort als planten voor de eindconsument bestemd en klaargemaakt zijn. De letter C moet wel altijd op het plantenpaspoort staan, ook als de traceringscode niet verplicht is. In dat geval staat er achter C  dan dus geen informatie. 

Waar moet ik aan denken bij traceerbaarheidscode?

Traceerbaarheidscode is de code die tracering binnen de eigen bedrijfsadministratie mogelijk maakt. We denken hierbij aan een uniek partijnummer. Dit kan heel goed hetzelfde nummer zijn, dat u ook vermeldt op het leveranciersdocument.

Waar moet ik het plantenpaspoort op aanbrengen?

Het plantenpaspoort moet u per kleinste handelseenheid aanbrengen volgens art. 88 van de Plantgezondheidsverordening. Dat kan dus per vrachtwagen zijn. Bijvoorbeeld een vrachtwagen met groenteplanten die naar de groenteteler gaat.

Bij bijvoorbeeld potplanten die via de veiling worden afgezet, denken we eerder aan een plantenpaspoort per pot, tray, doos, etc. In dat geval kan de handel de partij makkelijk splitsen zonder dat er een nieuw plantenpaspoort bij hoeft. Let bij gebruik van meermalig fust op de voorwaarden waaraan de sticker moet voldoen volgens de VBN.

Het plantenpaspoort moet zichtbaar zijn. Zichtbaar, wat is dat?

Het formaat van het plantenpaspoort, het lettertype en de lettergrootte is vrij. Uitgangspunt is dat het leesbaar is met het blote oog. Daarnaast spreken we ook regels af over de vindbaarheid 

van het plantenpaspoort. Uitgangspunt is dat het plantenpaspoort in één oogopslag zichtbaar is.

Voor specifieke gevallen is er afstemming met de NVWA. Over de volgende situaties is uitsluitsel:

Wat mag wel?

  • Is het plantenpaspoort gedrukt op de pot waarin wordt geteeld? Dan mag u deze alsnog voorzien van een ompot, hoes, etc.
  • Het plantenpaspoort mag op de achterzijde van een kistkaartje wat los in een daarvoor bestemde gleuf van een tray wordt geschoven.
  • Gaat het om kleinverpakkingen met plantenpaspoort in een omdoos? Dan is er geen plantenpaspoort aan buitenzijde van de omdoos noodzakelijk.

Wat mag niet?

  • Het plantenpaspoort dusdanig op de drager (etiket, label, sticker, etc.) plaatsen dat deze in het groeimedium verdwijnt.
  • Het plantenpaspoort op de achterzijde van een kistkaartje wat aan een verpakking wordt vastgemaakt (lijm, spijkers, nietjes, etc.)
  • Het plantenpaspoort aan de binnenzijde van een drager bestaande uit meerdere pagina's worden geplaatst. Aan de voor- of achterzijde mag uiteraard wel.
  • Het plantenpaspoort aan de binnenzijde van verpakkingsmateriaal plaatsen, zoals op de binnenzijde van een potcover.
Mag ik het plantenpaspoort combineren met een leveranciersdocument?

Nee, in principe mag dit niet. Alleen in uitzonderlijke gevallen is het mogelijk om het leveranciersdocument te gebruiken als plantenpaspoort. Belangrijk is dan dat:

  • Het plantenpaspoort op het leveranciersdocument in het voorgeschreven format wordt gebruikt.
  • Alle producten in één vervoersmiddel op hetzelfde moment vervoerd moeten worden. Is dit niet het geval? Dan moeten er net zoveel plantenpaspoorten als vervoersmiddelen worden gebruikt.
  • Het leveranciersdocument vast zit aan de handelseenheid (niet separaat!)

Let op, andere lidstaten kunnen hier anders mee omgaan!

 

Waarmee mag ik het plantenpaspoort wel combineren?

Het plantenpaspoort mag gecombineerd worden met andere gegevensdragers zoals potten, hoezen, steeketiketten, kleurenlabels en dergelijke. Belangrijke voorwaarde is steeds dat het plantenpaspoortformat duidelijk herkenbaar en volledig is. En dat het duidelijk afgescheiden is van de overige informatie. Dit kan door een scheidingslijn of anderszins duidelijk gescheiden van andere aanduidingen of afbeeldingen. Zo is de informatie gemakkelijk zichtbaar en duidelijk leesbaar.

Mag een afnemer (zoals een grootwinkelbedrijf of inkoopcentrale van tuincentra) aan zijn leverancier plantenpaspoortstickers met een eigen logo beschikbaar stellen? Of bijvoorbeeld vragen om dit op de pot of hoes te printen?

Ja dat mag. Maar bij iedere levering moet er dan wel het eigen fytosanitair registratienummer van die leverancier op staan. En het land van herkomst.
Dus de afnemer mag best stickers of steeketiketten, etc. aanleveren met bijvoorbeeld zijn logo er op, maar per leverancier zijn de gegevens deels verschillend. En de plantenpaspoortgegevens moeten vervolgens herkenbaar, bij elkaar, zijn vermeld.

Wat moet er op het plantenpaspoort-PZ staan?

In deel B van de bijlagen van 2017/2313/EU staan voorbeelden van  plantenpaspoorten. De geest van de wet is dat de paspoorten de informatie bevatten die in de verordening wordt vermeld en dat paspoorten in de praktijk bij deze lay-outs aansluiten.
Dit zijn de vaste elementen op het plantenpaspoort-PZ:

  • in de linkerbovenhoek: de EU-vlag (in kleur of zwart-wit)
  • in de rechterbovenhoek: het woord Plant Passport-PZ met daar rechtonder een referentie naar het naar het specifieke organisme waarvoor het plantenpaspoort van toepassing is. Zijn er meer organismen van toepassing, dan mogen deze worden opgesomd en gescheiden door een komma
  • Eventueel mag voor Plant Passport-PZ, Plantenpaspoort-PZ worden toegevoegd gescheiden door een forward slash (/)
    Dus Plantenpaspoort-PZ / Plant Passport-PZ
  • 'A' + botanische naam
  • 'B' + ISO-code lidstaat, koppelteken, fytosanitair registratienummer
  • 'C' + traceerbaarheidscode 
  • 'D' + ISO-code land van oorsprong/productie, ook als dit Nederland is.

 

Hoe geef ik aan voor welk organisme het plantenpaspoort-PZ van toepassing is?

Er zijn twee opties:

  1. De volledige wetenschappelijke naam
  2. De EPPO code

U kiest welke van deze twee opties u wilt gebruiken.

Zijn meerdere organismen van toepassing dan mogen deze worden opgesomd.

Welke landen voor welk specifiek organisme een bescherming willen, kunt u in register Eisen en coderingen voor beschermde gebieden op de website van de NVWA raadplegen.

Wetenschappelijke naam

In kolom 'Organismen' van het register Eisen en coderingen voor beschermde gebieden leest u de wetenschappelijke naam van de huidige organismen. Voor deze organismen zijn er op dit moment landen of landen met gebieden die extra bescherming vragen.

EPPO-code

In kolom 'EPPO-code' van het register Eisen en coderingen voor beschermde gebieden leest u de EPPO-code van de huidige organismen. Voor deze organismen zijn er op dit moment landen of landen met gebieden die extra bescherming vragen.

U kunt natuurlijk ook de website van EPPO zelf raadplegen.

Welke code gebruik ik voor conifeerachtigen waarvoor meerdere organismen van toepassing zijn?

Het is niet toegestaan om een verzamelcode te gebruiken. Zie NVWA register Eisen en coderingen voor beschermde gebieden. De vermelding van de 'EPPO-code' of de volledige naam van alle 'Organismen' is verplicht. Dit kunt u doen door deze op te sommen. De term "Plant Passport-PZ" mag maar 1x worden gebruikt.

Mogen gewassen die wel en niet aan specifieke PZ-eisen moeten voldoen op hetzelfde plantenpaspoort?

Ja, gewassen met specifieke PZ eisen en gewassen zonder PZ eisen mogen op één plantenpaspoort staan.

Let op, hier speelt mogelijk ook het leveranciersdocument als drager van het plantenpaspoort een rol.

Welke landen zijn of hebben gebieden waarvoor een plantenpaspoort-PZ van toepassing kan zijn?

Dit kunt u in het register Eisen en coderingen voor beschermde gebieden op de website van de NVWA raadplegen.

Wie moet aan de administratieve verplichtingen voldoen?

Iedereen die geregistreerd is, moet aan de administratieve verplichtingen voldoen. Welke verplichtingen dit zijn leest u bij; Aan welke administratieve verplichtingen moet ik voldoen?

Daarnaast moeten ook andere ondernemers zoals hoveniers en winkeliers (verkooppunten van eindproducten aan consumenten) aan de administratieve verplichtingen voldoen. U administreert van uw toeleverancier voor elke geleverde handelseenheid planten, plantaardige producten of andere materialen de gegevens waaruit blijkt om welke leverancier het gaat. De gegevens op de leveringsnota of factuur zijn voldoende, mits inzichtelijk gesorteerd.

Aan welke administratieve verplichtingen moet ik voldoen?

Dit delen we op in vier delen, namelijk; inkoop, verkoop, plantenpaspoortafgifte en vervangen van het plantenpaspoort

Inkoop

Eindproduct

U administreert van uw toeleverancier voor elke geleverde handelseenheid planten, plantaardige producten of andere materialen de gegevens waaruit blijkt om welke leverancier het gaat. De gegevens op de leveringsnota of factuur zijn voldoende.

Teeltmateriaal

Het gaat om materiaal waarmee u verder gaat telen. U administreert van uw toeleverancier voor elke geleverde handelseenheid planten, plantaardige producten of andere materialen de gegevens waaruit blijkt om welke leverancier het gaat. Daarnaast bewaart u de gegevens zoals deze op het plantenpaspoort van uw leverancier staan bij ABCD. Het plantenpaspoort zelf bewaren mag natuurlijk ook

Verkoop

U administreert van uw klant voor elke geleverde handelseenheid planten, plantaardige producten of andere materialen de gegevens waaruit blijkt om welke klant het gaat. De gegevens op de leveringsnota of factuur zijn voldoende.

Plantenpaspoortafgifte

Dit is van toepassing op geregistreerde bedrijven met een Bedrijfsautorisatie plantenpaspoort. Maar ook op bedrijven die het plantenpaspoort laten afgeven door de bevoegde autoriteit.

U neemt op in uw administratie:

  1. U administreert van uw toeleverancier voor elke geleverde handelseenheid planten, plantaardige producten of andere materialen de gegevens waaruit blijkt om welke leverancier het gaat. De gegevens op de leveringsnota of factuur zijn voldoende.
  2. U administreert van uw klant voor elke geleverde handelseenheid planten, plantaardige producten of andere materialen de gegevens waaruit blijkt om welke leverancier het gaat. De gegevens op de leveringsnota of factuur zijn voldoende.
  3. U zorgt dat traceerbaar is welke partij het betreft. Wat de botanische naam, origine en traceringscode is en waar de productie en of het handelsproces heeft plaatsgevonden.

Vervangen van het plantenpaspoort

Dit is van toepassing op geregistreerde bedrijven met een Bedrijfsautorisatie plantenpaspoort. Maar ook voor bedrijven die het plantenpaspoort laten afgeven door de bevoegde autoriteit.

U bewaart de gegevens zoals deze op het plantenpaspoort van uw leverancier staan bij ABCD. Het plantenpaspoort zelf bewaren mag natuurlijk ook.

Hoe registreer ik mij als klant van Naktuinbouw?

Om u te registreren als klant van Naktuinbouw om gebruik te maken van onze diensten vult u dit formulier in.

Waarom een fytosanitair registratienummer?

Door de EU-Plantgezondheidsverordening 2016/2031/EU (Plant Health Regulation in het Engels) mag ieder bedrijf slechts één keer met een officieel, uniek, fytosanitair registratienummer worden geregistreerd.
Om de lasten voor het bedrijfsleven zo laag mogelijk te houden, is er een nationaal gezamenlijk systeem van de keuringsdiensten en de NVWA . Dit is gekoppeld aan de inschrijving bij de KvK. Zo hoeft een bedrijf zich maar éénmaal te melden bij een loket (keuringsdienst). 

Hoe geef ik wijzigingen door?

Geef een wijziging bij de KvK altijd door aan de administratie van Naktuinbouw. Dit geldt ook voor andere wijzigingen die te maken hebben met uw bedrijfsgegevens. Stuur hiervoor een e-mail. Geef in de mail duidelijk aan welke gegevens wijzigen.

Moet elk gewas/teelt op mijn bedrijf een ander plantenpaspoortnummer hebben?

Nee. Ieder bedrijf heeft één officieel, nationaal fytosanitair registratienummer. U gebruikt dus één registratienummer voor alle gewassen/teelten van uw bedrijf.  Op het plantenpaspoort staat het fytosanitair registratienummer bij B. Daarnaast staat bij C een traceerbaarheidscode code die u zelf mag aanbrengen. Deze code is natuurlijk niet steeds hetzelfde. 

Hoe vraag ik een Autorisatie: verhandeling materiaal van nog niet toegelaten rassen aan?

U kunt autorisatie aanvragen door dit aan te kruisen op het aanvraagformulier kwekersrecht en/of toelating. Als u niet direct bij de aanvraag voor kwekersrecht en/of toelating, maar in een later stadium autorisatie wilt aanvragen, kunt u dit formulier per e-mail aan ons sturen.

Download hier de volledige tekst van de beschikking (2004/842/EG).

Welke autorisaties voor nog niet toegelaten rassen zijn verlengd?

Deze kunt u vinden op de pagina: Autorisatie: verhandeling materiaal nog niet toegelaten rassen, alinea "Over de regeling".

Waar vind ik meer informatie over de organismen met de status: Quarantaine, Protected zone quarantaine of RNQP?

Een handige zoektool naar meer informatie is Gereguleerde ziekten en plagen opzoeken op de website van de NVWA.

 

 

Wie kan ik contacten over informatie voor NAL?

U kunt contact opnemen met Amanda van Dijk via nal@naktuinbouw.nl

Wanneer worden de nieuwe voorwaarden voor bemonstering van kracht?

Vanaf 1 oktober 2024 zijn de nieuwe voorwaarden voor bemonstering zoals beschreven in de NAL-voorwaarden versie 12 van kracht. Na deze datum moeten uitgevoerde onderzoeken die worden gebruikt voor NAL-bedrijfsattesten aan deze eisen voldoen. De periode tussen de vaststelling van de nieuwe eisen (15 maart 2024) en 1 oktober 2024 is nodig om de bemonsterings- (en eventueel test)protocollen door NAL-deelnemers aan te passen en door NAL te laten goedkeuren. Kleine en commerciële zaadpartijen die vóór 1 oktober 2024 zijn bemonsterd en getest, zijn vrijgesteld van deze vereiste. De resultaten van vóór 1 oktober 2024 kunnen worden gebruikt voor NAL-bedrijfsattesten wanneer interne monstergroottes zijn toegepast.

Als ik de NAL-voorwaarden bemonstering toepas, voldoe ik dan aan de vereisten van derden (zoals GSPP-, import- of exportvereisten)?

U bent altijd zelf verantwoordelijk om de eisen van derden te controleren. Derden kunnen een test op een groter monster aanvragen.

Voor kleine zaadmonsters worden infectiepercentages van 10% of 1% toegepast (Tabel 3). Waarom?

Kleine zaadmonsters zijn afkomstig van een (zeer) laag aantal planten. De verhouding tussen de ene plant die besmet is met een pathogeen en de andere(n) is groot, dus het infectiepercentage is hoog. Het relevante aantal zaden is geëxtrapoleerd uit ISPM-nr. 31, bijlage 2, tabel 1 en kan worden berekend met de formules in bijlage 2

Bij vruchtbemonstering is het aantal zaden afhankelijk van het pathogeen; waarom is gekozen voor respectievelijk 10, 3 en 1 zaden voor bacteriën, virussen en schimmels?

Voor bacteriën komt dit voort uit eisen voor GSPP (Good Seed and Plant Practices, zie GSPP: hygiene in seed production and plant raising to prevent infection with pathogens). Vergeleken met bacteriën hebben virussen en schimmels een ander risico (een ander infectiepercentage en een andere verspreiding), wat leidt tot een ander aantal zaden

Als mijn zaadpartij uit meer dan 30.000 zaden bestaat, is het gebruik van 10.000 zaden voor één bacterietest heel veel. Is er een alternatief?

De monstergrootte en submonstergroottes moeten worden beschreven en gevalideerd in uw testprotocol en/of validatierapport. Zie voorwaarde 22.8.6. Dit wordt beoordeeld door NAL.