Vraag en antwoord nieuwe plantenpaspoort en Plantgezondheidsverordening

We krijgen regelmatig vragen over de nieuwe EU-Plantgezondheidsverordening, bijvoorbeeld over de plantenpaspoortplicht, registratie en het plantenpaspoort. De belangrijkste vragen en antwoorden verzamelen we hier voor u.

(25 november 2019) Deze pagina wordt regelmatig aangevuld. 

Lees hier meer over de belangrijkste veranderingen.
Lees hier meer over de achtergrond van het hoe en waarom van de Plantgezondheidsverordening.


Bedrijfsautorisatie plantenpaspoort aanvragen

Plantenpaspoort lay-out laten beoordelen

Om u goed te informeren hebben we mogelijke vragen uitgewerkt in vragen en antwoorden. Staat uw vraag er niet bij of wilt u extra informatie? Neem dan contact op met de Teamadministratie Keuringen via e-mail.

1. Plantenpaspoortplicht

2. Registratie

3. Gegevens en uiterlijk van het nieuwe plantenpaspoort

4. Gegevens en uiterlijk nieuwe plantenpaspoort-PZ

5. Administratieve verplichtingen

1. Plantenpaspoortplicht

Voor welke planten geldt de uitbreiding van de plantenpaspoortplicht?

De plantenpaspoortplicht breidt uit naar alle ‘voor opplant bestemde planten’. Ook bloembollen vallen hieronder.

Wat zijn 'voor opplant bestemde planten'?

Volgens de EU-definitie zijn dit planten die volledige planten kunnen voortbrengen en daarvoor bestemd zijn. Deze planten moeten worden uitgeplant, opnieuw worden geplant of geplant blijven. Alles wat we nu teeltmateriaal noemen valt daaronder. Maar ook alle eindproducten van pot-, perk-, water-, kuipplanten,  mossen en planten met luchtwortels (zoals Tillandsia).

Zaden vallen volgens deze definitie ook onder 'voor opplant bestemde planten'. Er is geen uitzondering voor materiaal voor veredelingsdoeleinden en of tentoonstellingsmateriaal. Materiaal wat voldoet aan die definitie zal ook van een plantenpaspoort voorzien moeten worden.

Er komen wel uitzonderingen; niet alle 'voor opplant bestemde planten' worden plantenpaspoortplichtig.

Uitzondering:

Geen plantenpaspoort:

  • Gezaagde kerstbomen worden gezien als snijtak en zijn niet registratie- en plantenpaspoortplichtig.
  • Mos wat wordt gebruikt in combinatie met andere niet plantenpaspoortplichtige producten hoeft geen plantenpaspoort te hebben. Voorbeeld hiervan zijn kerststukjes bestaande uit snijgroen en kunstmatige materialen.
  • Snijbloemen waarbij een stukje Tillandsia is toegevoegd. Voor de Tillandsia is in dit geval geen plantenpaspoort noodzakelijk.

Wel plantenpaspoort:

  • Mos en Tillandsia wat los verkocht wordt tussen bedrijven. Bijvoorbeeld een bakje mos of Tillandsia wat verkocht wordt om toegevoegd te worden aan arrangementen.

Welke uitzonderingen komen er voor de plantenpaspoortplicht?

Veel groenten- en bloemzaden worden niet paspoortplichtig. Ook komt er een uitzondering voor verkoop direct aan de niet-commerciële eindgebruiker. Dat betekent dat er bij verkoop vanuit bijv. tuincentrum of winkel aan de particuliere consument geen plantenpaspoort meer bij het product hoeft te zitten.

Er is ook geen plantenpaspoort vereist voor het verkeer van ‘planten bestemd voor opplant’ binnen en tussen bedrijfsruimten van hetzelfde bedrijf. Nederland wil dit zo invullen: bij verkeer tussen vestigingen van hetzelfde bedrijf binnen ons land is geen plantenpaspoort nodig.

Welke zaden worden plantenpaspoortplichtig?

Dit is nog niet helemaal zeker. Dit hangt af van de RNQP (Regulated Non-Quarantine Pests) die nog benoemd moeten worden, ook op zaden. De verwachting is dat er niet veel verandert bij de groente- en bloemzaden. Naar verwachting worden paspoortplichtig de zaden van: Allium, Capsicum, Phaseolus, Solanum lycopersicum, Pisum sativum, Vicia faba en Helianthus annuus. Nieuw in dit rijtje zijn Capsicum, Pisum sativum en Vicia faba.

Bij fruitgewassen worden de volgende zaden paspoortplichtig: Prunus avium, Prunus armeniaca, Prunus cerasus, Prunus domestica, Prunus dulcis, Prunus persica en Prunus salicina. Zaden van Prunus voor sierdoeleinden vallen buiten de plantenpaspoortplicht.

In de landbouw worden wel veel meer zaden paspoortplichtig.

Wat kost het wanneer ik met het plantenpaspoort ga werken?

In het uitgewerkte voorbeeld gaat het om de teelt van eindproduct. Voor andere producten raadpleegt u onze tarieven

Let op: het totaalbedrag is afhankelijk van de tijd die de keurmeester nodig heeft. Hierdoor kan het uiteindelijke totaal bedrag afwijken van wat hier genoemd staat. Tevens zijn er jaarlijkse kosten aan registratie bij Naktuinbouw. 

Jaarlijkse bijdrageKosten
Basisbijdrage eindproduct€ 75,-
Plantenpaspoort overeenkomst

€ 150,-

Totaal (Jaarlijks)

€ 225,-

Vervolgens per bezoek de volgende kosten:

Let op; elke locatie van uw bedrijf wordt bezocht.

Gewascontrole en administratieve controleKosten
Bijdrage per keuringsbezoek€ 54,50,-
Uurtarief

€ 46,50 eerste 30 minuten.

Daarna € 23,25 per kwartier extra

Totaal (per controle)

(Op basis van een inspectietijd van 60 minuten.

Let op, dit is een indicatie)

€ 146,-

Meer informatie over onze tarieven en hoe deze tot stand komen.

Wat is een plantenpaspoort overeenkomst?

Om plantenpaspoortplichtig teeltmateriaal of planten te verhandelen, is een Bedrijfsautorisatie plantenpaspoort met Naktuinbouw nodig. De overeenkomst is nodig om “dagelijks” zelfstandig plantenpaspoorten te maken en gebruiken. Naktuinbouw kan u hiertoe onder voorwaarden “autoriseren”. Samen met Naktuinbouw ondertekent u een overeenkomst. Het plantenpaspoort dat u gaat gebruiken, moet door Naktuinbouw goedgekeurd te worden.

Ik importeer vanuit een land buiten de Europese Unie (EU). Mag ik aan dat materiaal al een plantenpaspoort bevestigen?

Nee!

Bij import van plantenpaspoortplichtige producten zal het land buiten de EU een fytosanitair certificaat (FC) opstellen en meesturen. Bij import in de EU voert de keuringsdienst een controle op het FC en een importinspectie uit. Als het materiaal voldoet aan alle eisen voor de EU, dan kan de importeur over het materiaal beschikken. Vanaf dat moment mag een plantenpaspoort gebruikt worden.

Blijft het ZP plantenpaspoort bestaan?

Ja. Ook vanaf 14 december zullen er landen zijn die extra bescherming vragen tegen specifieke organismen. Het gaat om organismen die voorkomen in de Europese Unie, maar niet in dat land of in gebieden binnen dat land.

Er veranderen wel een aantal zaken. Raadpleeg voor details Gegevens en uiterlijk van het nieuwe plantenpaspoort-PZ.

Ik verkoop via internet, wat voor regels zijn hiervoor van toepassing?

Bij verkoop via internet zijn 'plants for planting' plantenpaspoortplichtig tot en met de eindconsument.

Elke verzending naar een eindconsument moet dus een plantenpaspoort per kleinste handelseenheid hebben.

Dit is anders dan bij verkoop via een fysiek verkooppunt. In dat geval moeten 'plants for planting' bij het laatste fysieke verkooppunt met een plantenpaspoort aankomen. Bij verkoop aan de eindconsument hoeft in dat geval geen plantenpaspoort meegegeven te worden.

Ik verkoop zaden via internet aan eindconsumenten in Nederland, wat voor regels zijn hiervoor van toepassing?

Vooralsnog hoeft er bij verkoop binnen Nederland geen plantenpaspoort bij zaden die via internet aan eindconsumenten wordt verkocht. Dit is een pragmatische invulling van Nederland, vooruitlopend op de EU invulling die nog moet worden gemaakt.

Worden de zaden naar eindconsumenten in andere lidstaten verstuurd, dan moet er wel een plantenpaspoort aangebracht worden. 

Let op, op basis van de EU invulling moet Nederland deze pragmatische invulling mogelijk herzien. Ook andere omstandigheden kunnen aanleiding zijn tot herziening.

Verkoop u zaad via internet aan eindconsumenten in Nederland, dan moet u zich wel registreren en voldoen aan de administratieve verplichting.

 

2. Registratie

Bent u nog niet geregistreerd bij Naktuinbouw?

Dit is nodig om het fytosanitaire registratienummer te verkrijgen. U kunt uw bedrijf makkelijk via onze website aanmelden voor registratie. Nadat we uw aanvraag hebben verwerkt, nemen we contact met u op voor een kennismakingsbezoek. Tijdens dit bezoek kan de keurmeester al uw vragen beantwoorden die u eventueel nog heeft.

Waarom krijg ik een nieuw fytosanitair registratienummer?

Door de nieuwe EU-Plantgezondheidsverordening 2016/2031/EU (Plant Health Regulation in het Engels) mag ieder bedrijf slechts één keer met een officieel, uniek, fytosanitair registratienummer worden geregistreerd.
In Nederland hanteren we nu meerdere registratienummers. Om de lasten voor het bedrijfsleven zo laag mogelijk te houden, zoeken de keuringsdiensten en NVWA naar mogelijkheden om één nationale nummersystematiek te hanteren. Zo hoeft een bedrijf zich maar éénmaal te melden bij een loket (keuringsdienst). Alle bedrijven krijgen een nieuw fytosanitair registratienummer. Ook de bedrijven die nu al geregistreerd zijn bij een keuringsdienst.

Hoe gaat het fytosanitair registratienummer eruit zien?

Dit is een 9-cijferig nummer. Op het plantenpaspoort (bij letter B:) wordt dit voorafgegaan door NL en een streepje. Voorbeeld: NL-123456789. Andere lidstaten kiezen een eigen notatie voor het registratienummer. Uiteraard wordt dat registratienummer vooraf gegaan door de iso-landcode en het koppelteken.

Waar kan ik mijn nieuwe fytosanitaire registratienummer aanvragen?

Bedrijven die al geregistreerd zijn bij Naktuinbouw hebben automatisch het nieuwe fytosanitaire registratienummer gekregen. Bent u nieuw als klant van Naktuinbouw, dan kunt u een fytosanitaire registratienummer aanvragen, via e-mail. Wij hebben daarna contact met NVWA; het nieuwe 9-cijferige nummer komt uit hun database. Doorlooptijd van dit proces in principe 5-7 werkdagen. Het verdere verloop (aanvraag autorisatie en het beoordelen/akkorderen van de plantenpaspoorten) kan langer duren. Dit wordt veroorzaakt door de hoeveelheid bedrijven en bijbehorende werk wat moet worden verzet. Hou hierdoor voor het hele proces rekening met 15 werkdagen. 

Krijgt elk gewas/teelt op mijn bedrijf een ander plantenpaspoortnummer?

Ieder bedrijf wordt onder de nieuwe wetgeving geregistreerd met één officieel, nationaal fytosanitair registratienummer. U gebruikt dus één bedrijfsregistratienummer voor alle gewassen/teelten van uw bedrijf.

3. Gegevens en uiterlijk van het nieuwe plantenpaspoort

Wat moet er op het nieuwe plantenpaspoort staan?

De formats van de paspoorten zijn inmiddels officieel bekend. Deze vloeien voort uit uitvoeringsverordening 2017/2313/EU.
De gepresenteerde formats zijn voorbeelden waaraan een plantenpaspoort per 14 december 2019 moet voldoen. In deel A van de bijlagen van 2017/2313/EU staan voorbeelden van gewone plantenpaspoorten. De geest van de wet is dat de paspoorten de informatie bevatten die in de verordening wordt vermeld en dat paspoorten in de praktijk bij deze lay-outs aansluiten.
Dit zijn de vaste elementen op het plantenpaspoort:
• in de linkerbovenhoek: de EU-vlag (in kleur of zwart-wit)
• in de rechterbovenhoek: het woord Plant Passport

  • Eventueel mag voor Plant Passport, Plantenpaspoort worden toegevoegd gescheiden door een forward slash (/)
    Dus Plantenpaspoort / Plant Passport

• 'A' + botanische naam
• 'B' + ISO-code lidstaat, koppelteken, fytosanitair registratienummer
• 'C' + traceerbaarheidscode
• 'D' + ISO-code land van oorsprong/productie, ook als dit Nederland is.

Hoe moet het plantenpaspoort eruit zien?

In verordening 2017/2313/EU zijn de vormvoorschriften voor het nieuwe plantenpaspoort aangegeven met een aantal voorbeelden. De vorm en grootte mogen afwijken, u kunt dus zelf kiezen voor lettertype en grootte. Wat verder van belang is: de informatie moet zichtbaar zijn, met blote oog leesbaar, geplaatst in rechthoekige of vierkante vorm, gescheiden van andere aanduidingen en afbeeldingen. De onderdelen met letters A, B , C en D moeten herkenbaar zijn.

Hieronder een voorbeeld: vorm, grootte en lettertype mogen afwijken.

Voorbeeld sjabloon plantenpaspoort

Welke kleur gebruik ik voor de lay-out op het plantenpaspoort?

Hiervoor verwijzen we u naar het verordening 2017/2313/EU.
Citaat: The flag of the Union may be printed in colour, or in black and white, either with white stars on black background or vice versa.

Het belangrijkst is de vlag van de EU.

De vlag van de EU moet duidelijk herkenbaar zijn. Dit wil zeggen; een rechthoekige vorm met 12 sterren geplaatst in een cirkel. Het heeft de voorkeur de vlag af te beelden in blauw met gele sterren. Andere variaties zijn echter ook mogelijk. Bijvoorbeeld:

  • zwart-wit
  • wit-zwart
  • In twee contrasterende kleuren (bijvoorbeeld een achtergrond kleur waarop een silhouette van de EU vlag wordt gedrukt)

De tekst op het plantenpaspoort moet duidelijk leesbaar zijn. Er is hierover geen kleur voorgeschreven.

Wat verstaan we onder botanische naam?

Botanische namen kunnen bestaan uit 1 deel (geslacht), 2 delen (geslacht + soort) of 3 delen (geslacht + soort + cultivar).
Verordening 2017/2313/EU spreekt over 'botanische naam van de plantensoorten of taxa...' en facultatief de naam van de variëteit.

De botanische naam bij de letter A op het plantenpaspoort van een individuele plant is minimaal op geslachtsniveau, maar mag met de soort en ook cultivar/variëteit worden uitgebreid.

Zorg dat u de juiste botanische naam gebruikt. Hiervoor gebruikt u de database Searchplant

Ik verwerk meerdere geslachten in één product/handelseenheid. Welke botanische naam gebruik ik?

We kennen als producten zogenaamde 'arrangementen'; bijvoorbeeld bakjes met meerdere plantengeslachten, ‘hanging baskets’ etc.  In die gevallen mogen er op één plantenpaspoort meerdere geslachtsnamen vermeld worden. Het plantenpaspoort is dan op die bak, of aan die basket is bevestigd.

We kennen als producten ook zogenaamde 'mixen'. Bijvoorbeeld een tray met gemengde cactussen of orchideeën. In die gevallen mag de familienaam (bijvoorbeeld Cactaceae of Orchidaceae) gebruikt worden, in plaats van alle geslachten te noemen.

Als in een handelseenheid meerdere geslachten aanwezig zijn, mogen ook meerdere familienamen gebruikt worden op het plantenpaspoort. Denk bijvoorbeeld aan een handelseenheid met cactussen en succulenten, die bestaat uit geslachten behorend tot de Cactaceae, Crassulaceae en Euphorbiaceae. Er moeten dan ook werkelijk planten behorend tot de genoemde families in de handelseenheid aanwezig zijn.

Bij producten die geënt zijn, gebruikt u de botanische naam van het bovenste deel. Ook als het onderste deel een andere botanische naam heeft.

Wanneer is een traceerbaarheidscode nodig?

De traceerbaarheidscode (EN: Traceability code, zie punt 5 in de bijlage van verordening 2017/2313/EU) is verplicht voor bijna alle plantenpaspoorten. Voor planten die zonder verdere voorbereiding klaar zijn voor verkoop aan de eindgebruiker (dus in de 'eindverpakking'), is deze code niet verplicht (zie art. 83.2a van de PHR).
Dat betekent dat u op die producten dus geen 'unieke' traceerbaarheidscode/partijnummer o.i.d. hoeft mee te gegeven. Potten, hoezen of steeketiketten kunt u bijvoorbeeld allemaal met dezelfde informatie bedrukken.

Maar:
De Europese Commissie gaat nog een aantal planten benoemen waarvoor deze plicht wél geldt: zij denkt aan alle plantengeslachten die onder Bijlage V-AI van de huidige Fytorichtlijn 2000/29/EG vallen (o.a. bacterievuurwaardplanten, aardappelen en citrus). Daarnaast is bij gebruik van het plantenpaspoort-PZ de traceringscode altijd verplicht!

Dus: 
U hoeft de traceerbaarheidscode in principe niet te melden op het plantenpaspoort als planten voor de eindconsument bestemd en klaargemaakt zijn. Er komen hier wel te zijner tijd een aantal uitzonderingen op. Het is verstandig rekening te houden met de mogelijkheid dat de traceerbaarheidscode toch nog vermeld moet worden op deze paspoorten. De letter C moet altijd op het plantenpaspoort staan, ook als de traceringscode niet verplicht is. In dat geval staat er achter C dan dus geen informatie.

Waar moet ik aan denken bij traceerbaarheidscode?

Traceerbaarheidscode is de code die tracering binnen de eigen bedrijfsadministratie mogelijk maakt. We denken hierbij aan een uniek partijnummer. Dit kan heel goed hetzelfde nummer zijn, dat u ook vermeldt op het leveranciersdocument.

Wat is het land van oorsprong?

Achter letter 'D' komt de tweeletter-code van het land van oorsprong: een EU-lidstaat of een derde land. Derde land is als het van buiten EU is geïmporteerd. Vermeld de letters NL als het Nederlands product is.

Komt het materiaal uit meerdere landen? Dan noteert u deze allemaal bij 'D', gescheiden door een komma. Om te controleren welke code u voor welk land moet gebruiken, raadpleegt u de Landenlijst ISO-code van de NVWA.

Product van buiten NL wordt op een gegeven moment “fytosanitair Nederlands".

Hiervoor zijn regels opgesteld door de NVWA:

Basisvoorwaarden het product moet gedurende de genoemde periode onder Nederlandse omstandigheden worden geteeld door een professionele teler.

  • Houtige gewassen = boomkwekerijmateriaal  (uitgezonderd vaste planten) = 1 groeiseizoen
     
  • Bonsai of Citrus-achtige = 2 maanden

Definitie Bonsai: geteeld in relatief weinig groeimedium om zo een miniatuurplant te verkrijgen. Bij twijfel of onduidelijkheid of het product onder de definitie bonsai past valt deze automatisch onder de categorie Houtige gewassen.

  • Algemeen: zoals; stekken, kruidachtige vaste planten, potplanten: Alles wat niet valt onder Houtige gewassen, Bonsai of Citrus-achtige = 4 weken

Moet ik mijn bestaande documenten/opdrukken aanpassen?

Ja. Denk daarbij aan alle informatiedragers waarop u plantenpaspoort gegevens gebruikt. Gebruikt u het leveranciersdocument als plantenpaspoort? Lees dan ook Mag ik het plantenpaspoort combineren met het leveranciersdocument.

Mag een plantenpaspoort handgeschreven zijn?

Ja dit mag onder de volgende voorwaarden:

  1. Het sjabloon is geprint met de EU vlag, letters A, B, C en D, het woord Plant Passport en eventueel een kader. Hierbij zijn de juiste vlakken open om ingevuld te kunnen worden.
  2. De tekst is in blokletters geschreven
  3. Deze werkwijze is opgenomen in de Bedrijfsautorisatie plantenpaspoort

Wat moet ik regelen om zelf mijn plantenpaspoort aan te mogen brengen?

Naktuinbouw kan u hiervoor autoriseren. Vul het formulier Bedrijfsautorisatie plantenpaspoort digitaal in en stuur het ons per e-mail toe. Zorg ervoor dat u de juiste voorbeelden van de gebruikte plantenpaspoort uitingen (bv. hoes, steeketiket, etc.) als bijlagen meestuurt. Dit mag een foto zijn van de vorm waarin u het plantenpaspoort gaat gebruiken. Zorg ervoor dat deze duidelijk in beeld zijn. Zo kunnen wij de gegevens van het plantenpaspoort controleren. Ook moet het duidelijk zijn op welke producten u het plantenpaspoort gaat gebruiken. Bijvoorbeeld een foto van het steeketiket, tray of hoes.

Gebruikt u plantenpaspoorten die hetzelfde zijn, maar is alleen de botanische naam (bij A) anders? U hoeft dan niet elke naam aan ons voor te leggen. Controleert u dan zelf of de naam die u wilt gaan gebruiken juist is. Hiervoor gebruikt u de database Searchplant

Na de controle van de aanvraag voor autorisatie en de voorbeelden krijgt u een bevestiging dat u geautoriseerd bent. Voor het volledig invullen van de autorisatie is ook het fytosanitaire registratienummer en het Naktuinbouw relatienummer nodig. Zorg er dus voor dat u deze klaar hebt liggen.

Waar moet ik het plantenpaspoort op aanbrengen?

Het plantenpaspoort moet u per kleinste handelseenheid aanbrengen volgens art. 88 van de Plantgezondheidsverordening. Dat kan dus per vrachtwagen zijn. Bijvoorbeeld een vrachtwagen met groenteplanten die naar de groenteteler gaat.

Bij bijvoorbeeld potplanten die via de veiling worden afgezet, denken we eerder aan een plantenpaspoort per pot, tray, doos, etc. In dat geval kan de handel de partij makkelijk splitsen zonder dat er een nieuw plantenpaspoort bij hoeft. Let bij gebruik van meermalig fust op de voorwaarden waaraan de sticker moet voldoen volgens de VBN.

Het plantenpaspoort moet zichtbaar zijn. Zichtbaar, wat is dat?

Het formaat van het plantenpaspoort, het lettertype en de lettergrootte is vrij. Uitgangspunt is dat het leesbaar is met het blote oog. Daarnaast spreken we ook regels af over de vindbaarheid van het plantenpaspoort. Uitgangspunt is dat het plantenpaspoort in één oogopslag zichtbaar is.

Voor specifieke gevallen is er afstemming met de NVWA. Over de volgende situaties is uitsluitsel:

Wat mag wel?

  • Is het plantenpaspoort gedrukt op de pot waarin geteeld wordt? Dan mag deze alsnog voorzien worden van een ompot, hoes, etc.
  • Het plantenpaspoort mag op de achterzijde van een kistkaartje wat los in een daarvoor bestemde gleuf van een tray wordt geschoven.
  • Gaat het om kleinverpakkingen met plantenpaspoort in een omdoos? Dan is er geen plantenpaspoort aan buitenzijde van de omdoos noodzakelijk.

Wat mag niet?

  • Het plantenpaspoort dusdanig op de drager (etiket, label, sticker, etc.) plaatsen dat deze in het groeimedium verdwijnt.
  • Het plantenpaspoort mag niet op de achterzijde van een kistkaartje wat aan een verpakking wordt vastgemaakt (lijm, spijkers, nietjes, etc.)
  • Het plantenpaspoort mag niet aan de binnenzijde van een drager bestaande uit meerdere pagina's worden geplaatst. Aan de voor- of achterzijde mag uiteraard wel.
  • Het plantenpaspoort mag niet aan de binnenzijde van verpakkingsmateriaal worden geplaatst, zoals op de binnenzijde van een potcover.

Mag ik het plantenpaspoort combineren met een leveranciersdocument?

Nee, dat mag niet meer op de huidige wijze. Alleen in uitzonderlijke gevallen is het mogelijk om het leveranciersdocument te gebruiken als plantenpaspoort. Belangrijk is dan dat:

  • Het plantenpaspoort op het leveranciersdocument in het voorgeschreven format wordt gebruikt.
  • Alle producten in één vervoersmiddel op hetzelfde moment vervoerd moeten worden. Is dit niet het geval? Dan moeten er net zoveel plantenpaspoorten als vervoersmiddelen worden gebruikt.
  • Het leveranciersdocument vast zit aan de handelseenheid (niet separaat!)

Als handvat hebben wij een voorbeeld uitgewerkt waarbij leveranciersdocument als drager plantenpaspoort. Hierin is ook uitleg verwerkt over de verschillende items.

Op een zaadverpakking mag U het plantenpaspoort printen, mits duidelijk gescheiden van de overige gegevens.

Waarmee mag ik het plantenpaspoort wel combineren?

Het plantenpaspoort mag gecombineerd worden met andere officiële labels. In de tuinbouwsector kennen we die alleen als certificeringslabels bij grootfruit en softfruit.

Verder mag het gecombineerd worden met andere gegevensdragers zoals potten, hoezen, steeketiketten, kleurenlabels e.d. Belangrijk voorwaarde is steeds dat het plantenpaspoortformat duidelijk herkenbaar en volledig is. En dat het duidelijk afgescheiden is van de overige informatie. Dit kan door een scheidingslijn of anderszins duidelijk gescheiden van andere aanduidingen of afbeeldingen. Zo is de informatie gemakkelijk zichtbaar en duidelijk leesbaar.

Komt er een apart plantenpaspoort voor beschermde gebieden?

Voor verhandeling naar beschermde gebieden zijn specifieke paspoorten nodig. In de huidige situatie heten de beschermde gebieden Zone Protecta (ZP). In de nieuwe situatie verandert dit in Protected Zone (PZ). Daarop moet u dus PZ vermelden, en de wetenschappelijke naam of code voor organisme. Zie verordening 2017/2313/EU, bijlage, deel B. Het is nog onduidelijk of de codes (bijv. b2, a2) hetzelfde blijven als nu. Er is ook sprake van dat de EPPO-codes voor organismen gebruikt gaan worden.

Hoelang zijn de oude plantenpaspoorten nog geldig bij producten die nu al plantenpaspoortplichtig zijn?

Er komt een overgangstermijn. De oude plantenpaspoorten blijven nog geldig tot 14 december 2023. Maar die moeten dan wel vóór 14 december 2019 op de producten zijn aangebracht. Denk aan planten die in de periode daarvoor in omloop zijn gebracht. En aan zaden die al eerder voor-verpakt zijn.

Maar vanaf 14 december 2019 moet u wél de nieuwe plantenpaspoorten aanbrengen op producten die dan in omloop komen. Zorgt u dus voor niet teveel voorraad.

Waarom kan ik nu nog niet beginnen met nieuwe plantenpaspoorten?

Als u producten hebt die nu al paspoortplichtig zijn, moet u tot 14 december 2019 aan de huidige (oude) eisen blijven voldoen.
Het nieuwe paspoort mist twee onderdelen die wel op het huidige staan:
- de verantwoordelijke keuringsdienst (bijvoorbeeld Naktuinbouw, NAK of BKD) en
- het aantal of gewicht van het product waarvoor het paspoort geldt.

U kunt al wel met de nieuwe lay-out werken, mits dan 'Naktuinbouw' en het aantal/gewicht toch vermeld worden. Dit kan onder de gegevens die in de nieuwe lay-out vermeld moeten worden. Deze nieuwe lay-out moet dan wel opnieuw geautoriseerd worden door Naktuinbouw. In deze nieuwe lay-out kunt u het nieuwe fytosanitair registratienummer direct gebruiken.

Wanneer kan ik beginnen met het nieuwe plantenpaspoort bij producten die voor het eerst paspoortplichtig worden?

U kunt per 1 januari 2019 starten het nieuwe plantenpaspoort te gebruiken op producten die op dit moment, volgens de huidige (oude) regelgeving, nog niet paspoortplichtig zijn.

U moet dan wel aan de eisen voldoen: u moet geregistreerd zijn (volgens nieuwe registratie-eis) en geautoriseerd om zelf plantenpaspoorten te mogen bevestigen. En het gewas/de teelt moet aan de inspectie-eisen voldoen (minimaal één keer gekeurd en gewas voldoet aan de normen).

Mag een afnemer (zoals een grootwinkelbedrijf of inkoopcentrale van tuincentra) aan zijn leverancier plantenpaspoortstickers met een eigen logo beschikbaar stellen? Of bijvoorbeeld vragen om dit op de pot of hoes te printen?

Ja dat mag. Maar bij iedere leverancier moet er dan wel het eigen fytosanitaire registratienummer van die leverancier op staan. En het land van herkomst.
Dus de afnemer mag best stickers of steeketiketten etc. aanleveren met bijvoorbeeld zijn logo er op, maar per leverancier zijn de gegevens deels verschillend. En de plantenpaspoort gegevens moeten vervolgens herkenbaar, bij elkaar, zijn vermeld.

 

4. Gegevens en uiterlijk van het nieuwe plantenpaspoort-PZ

Wat moet er op het nieuwe plantenpaspoort-PZ staan?

De formats van de paspoorten zijn inmiddels officieel bekend. Deze vloeien voort uit uitvoeringsverordening 2017/2313/EU.
De gepresenteerde formats zijn voorbeelden waaraan een plantenpaspoort-PZ per 14 december 2019 moet voldoen. In deel B van de bijlagen van 2017/2313/EU staan voorbeelden van  plantenpaspoorten. De geest van de wet is dat de paspoorten de informatie bevatten die in de verordening wordt vermeld en dat paspoorten in de praktijk bij deze lay-outs aansluiten.
Dit zijn de vaste elementen op het plantenpaspoort-PZ:
• in de linkerbovenhoek: de EU-vlag (in kleur of zwart-wit)
• in de rechterbovenhoek: het woord Plant Passport-PZ met daar rechtonder een referentie naar het specifieke organisme waarvoor het plantenpaspoort van toepassing is

  • Eventueel mag voor Plant Passport-PZ, Plantenpaspoort-PZ worden toegevoegd gescheiden door een forward slash (/)
    Dus Plantenpaspoort-PZ / Plant Passport-PZ

• 'A' + botanische naam
• 'B' + ISO-code lidstaat, koppelteken, fytosanitair registratienummer
• 'C' + traceerbaarheidscode 
• 'D' + ISO-code land van oorsprong/productie, ook als dit Nederland is.

Hoe moet het plantenpaspoort-PZ eruit zien?

In verordening 2017/2313/EU zijn de vormvoorschriften voor het nieuwe plantenpaspoort-PZ aangegeven met een aantal voorbeelden. De vorm en grootte mogen afwijken, u kunt dus zelf kiezen voor lettertype en grootte. Wat verder van belang is: de informatie moet zichtbaar zijn, met blote oog leesbaar, geplaatst in rechthoekige of vierkante vorm, gescheiden van andere aanduidingen en afbeeldingen. De onderdelen met letters A, B , C en D moeten herkenbaar zijn. Rechtonder het woord 'Plant Passport - PZ'  een referentie naar het specifieke organisme waarvoor het plantenpaspoort van toepassing is. In onderstaand voorbeeld is deze positie aangegeven met 'xxx1'.

Hieronder een voorbeeld: vorm, grootte en lettertype mogen afwijken.

Sjabloon plantenpaspoort-PZ

 

Hoe geef ik aan voor welk organisme het plantenpaspoort-PZ van toepassing is?

De huidige ZP-codes komen te vervallen. Daarvoor in de plaats komen twee opties, namelijk:

  1. De volledige wetenschappelijke naam
  2. De EPPO code

U kiest welke van deze twee opties u wilt gebruiken.

Op dit moment is nog niet duidelijk welke landen voor welk specifiek organisme een bescherming willen. Om alvast een richting aan te geven kunt u het huidige register Eisen en coderingen voor beschermde gebieden op de website van de NVWA raadplegen.

Wetenschappelijke naam

In kolom 'Organismen' van het register Eisen en coderingen voor beschermde gebieden leest u de wetenschappelijke naam van de huidige organismen. Voor deze organismen zijn er op dit moment landen of landen met gebieden die extra bescherming vragen.

EPPO code

In kolom 'EPPO code' van het register Eisen en coderingen voor beschermde gebieden leest u de EPPO code van de huidige organismen. Voor deze organismen zijn er op dit moment landen of landen met gebieden die extra bescherming vragen.

U kunt natuurlijk ook de website van EPPO zelf raadplegen.

Ter inspiratie is een Voorbeeld gebruik Plant Passport-PZ voor de huidige code ZP-a2 (Bemisia tabaci) uitgewerkt.

 

Welke code gebruik ik voor conifeerachtigen waarvoor meerdere organismen van toepassing zijn?

Net zoals in de huidige situatie kunt u daar een verzamelcode voor gebruiken. Deze code is momenteel ZP-conf.

De nieuwe code lijkt hier sterk op, maar is opgesteld in de schrijfwijze van de EPPO code. De code wordt ZPCONF. 

Om te controleren waarvoor u ZPCONF kunt gebruiken raadpleegt u het register Eisen en coderingen voor beschermde gebieden.

 

Welke landen zijn of hebben gebieden waarvoor een plantenpaspoort-PZ van toepassing kan zijn?

Op dit moment is nog niet duidelijk welke landen voor welk specifiek organisme een bescherming willen. Om een richting te krijgen, kunt u het huidige register Eisen en coderingen voor beschermde gebieden op de website van de NVWA raadplegen. Als er meer informatie is, dan delen we die op deze pagina.

Wat zijn de eisen om een plantenpaspoort-PZ te mogen gebruiken?

Wilt u gebruikmaken van een plantenpaspoort-PZ? Dan is het belangrijk dat uw sjabloon en drager zijn beoordeeld door Naktuinbouw. Hiervoor volgt u de werkwijze zoals beschreven bij: Wat moet ik regelen om zelf mijn plantenpaspoort aan te mogen brengen?

Op dit moment is nog niet duidelijk welke eisen er aan het plantaardig materiaal gesteld worden. Om alvast een richting aan te geven kunt u het huidige register Eisen en coderingen voor beschermde gebieden op de website van de NVWA raadplegen. Als er meer informatie is dan zullen we die hier delen.

5. Administratieve verplichtingen

Wie moet aan de administratieve verplichtingen voldoen?

Iedereen die geregistreerd is, moet aan de administratieve verplichtingen voldoen. Welke verplichtingen dit zijn leest u bij; Aan welke administratieve verplichtingen moet ik voldoen?

Daarnaast moeten ook andere ondernemers zoals hoveniers en winkeliers (verkooppunten van eindproducten aan consumenten) aan de administratieve verplichtingen voldoen. U administreert van uw toeleverancier voor elke geleverde handelseenheid planten, plantaardige producten of andere materialen de gegevens waaruit blijkt om welke leverancier het gaat. De gegevens op leveringsnota of factuur zijn voldoende, mits inzichtelijk gesorteerd.

Aan welke administratieve verplichtingen moet ik voldoen?

Dit delen we op in vier delen, namelijk; inkoop, verkoop, plantenpaspoortafgifte en vervangen van het plantenpaspoort

Inkoop

Eindproduct

U administreert van uw toeleverancier voor elke geleverde handelseenheid planten, plantaardige producten of andere materialen de gegevens waaruit blijkt om welke leverancier het gaat. De gegevens op leveringsnota of factuur zijn voldoende.

Teeltmateriaal

Het gaat om materiaal waarmee u gaat verder telen. U administreert van uw toeleverancier voor elke geleverde handelseenheid planten, plantaardige producten of andere materialen de gegevens waaruit blijkt om welke leverancier het gaat. Daarnaast bewaart u de gegevens zoals deze op het plantenpaspoort van uw leverancier staan bij ABCD. Het plantenpaspoort zelf bewaren mag natuurlijk ook

Verkoop

U administreert van uw klant voor elke geleverde handelseenheid planten, plantaardige producten of andere materialen de gegevens waaruit blijkt om welke klant het gaat. De gegevens op leveringsnota of factuur zijn voldoende.

Plantenpaspoortafgifte

Dit is van toepassing op geregistreerde bedrijven met een Bedrijfsautorisatie plantenpaspoort. Maar ook voor bedrijven die het plantenpaspoort laten afgeven door de bevoegde autoriteit.

U neemt op in uw administratie:

  1. U administreert van uw toeleverancier voor elke geleverde handelseenheid planten, plantaardige producten of andere materialen de gegevens waaruit blijkt om welke leverancier het gaat. De gegevens op leveringsnota of factuur zijn voldoende.
  2. U administreert van uw klant voor elke geleverde handelseenheid planten, plantaardige producten of andere materialen de gegevens waaruit blijkt om welke leverancier het gaat. De gegevens op leveringsnota of factuur zijn voldoende.
  3. U zorgt dat traceerbaar is welke partij het betreft. Wat de botanische naam, origine en traceringscode is en waar de productie en of handelsproces heeft plaatsgevonden.

Vervangen van het plantenpaspoort

Dit is van toepassing op geregistreerde bedrijven met een Bedrijfsautorisatie plantenpaspoort. Maar ook voor bedrijven die het plantenpaspoort laten afgeven door de bevoegde autoriteit.

U bewaart de gegevens zoals deze op het plantenpaspoort van uw leverancier staan bij ABCD. Het plantenpaspoort zelf bewaren mag natuurlijk ook.


Lees hier meer over de achtergrond van het hoe en waarom van de Plantgezondheidsverordening.

Staat uw vraag er niet bij of wilt u extra informatie, neem dan contact op met de Teamadministratie via  e-mail.

Aan deze lijst van vraag en antwoord kunnen geen rechten worden ontleend. Naktuinbouw stelde in overleg met de NVWA de lijst met antwoorden zo zorgvuldig mogelijk samen. Uiteraard zijn de Europese verordeningen 2016/2031 en 2017/2313 en de daarop steunende regelgeving bepalend. Heeft u vragen of opmerkingen? Neemt u dan contact met Ron Bleijswijk, Hoofd Keuringen.

Flyer Nieuw Plantenpaspoort
Flyer New Plant Passport (English)

Folder Veranderingen en financiën EU-Plantgezondheidsverordening