Vraag en antwoord nieuwe plantenpaspoort en Plantgezondheidsverordening

We krijgen regelmatig vragen over de nieuwe EU-Plantgezondheidsverordening, bijvoorbeeld over de plantenpaspoortplicht, registratie en het plantenpaspoort. De belangrijkste vragen en antwoorden verzamelen we hier voor u.

(11 december 2018) Deze pagina wordt regelmatig aangevuld. 

Lees hier meer over de belangrijkste veranderingen.
Lees hier meer over de achtergrond van het hoe en waarom van de Plantgezondheidsverordening.
De informatiebijeenkomsten op 19 en 20 september zijn succesvol verlopen. Laat ons hier uw interesse weten, dan plannen wij mogelijk nieuwe data.

Om u goed te informeren hebben we mogelijke vragen uitgewerkt in vragen en antwoorden. Staat uw vraag er niet bij of wilt u extra informatie, neem dan contact op met de Teamadministratie Bloemen- en groentegewassen via (071) 332 61 29 of via e-mail.

1. Plantenpaspoortplicht

2. Registratie

3. Gegevens en uiterlijk van het nieuwe plantenpaspoort

1. Plantenpaspoortplicht

Voor welke planten geldt de uitbreiding van de plantenpaspoortplicht?

De plantenpaspoortplicht breidt uit naar alle ‘voor opplant bestemde planten’. Ook bloembollen vallen hieronder.

Wat zijn 'voor opplant bestemde planten'?

Volgens de EU-definitie zijn dit planten die volledige planten kunnen voortbrengen en daarvoor bestemd zijn. Deze planten moeten worden uitgeplant, opnieuw worden geplant of geplant blijven. Alles wat we nu teeltmateriaal noemen valt daaronder, maar ook alle eindproducten van pot-, perk- en kuipplanten. Zaden vallen volgens deze definitie ook onder 'voor opplant bestemde planten'. Er komen wel uitzonderingen; niet alle 'voor opplant bestemde planten' worden plantenpaspoortplichtig. Er is geen uitzondering voor materiaal voor veredelingsdoeleinden en of tentoonstellingsmateriaal. Materiaal wat voldoet aan die definitie zal ook van een plantenpaspoort voorzien moeten worden.

Welke uitzonderingen komen er voor de plantenpaspoortplicht?

Veel groenten- en bloemzaden worden niet paspoortplichtig. Ook komt er een uitzondering voor verkoop direct aan de niet-commerciële eindgebruiker. Dat betekent dat er bij verkoop vanuit bijv. tuincentrum of winkel aan de particuliere consument geen plantenpaspoort meer bij het product hoeft te zitten.

Er is ook geen plantenpaspoort vereist voor het verkeer van ‘planten bestemd voor opplant’ binnen en tussen bedrijfsruimten van hetzelfde bedrijf. Nederland wil dit zo invullen: bij verkeer tussen vestigingen van hetzelfde bedrijf binnen ons land is geen plantenpaspoort nodig.

Welke zaden worden plantenpaspoortplichtig?

Dit is nog niet helemaal zeker. Dit hangt af van de RNQP (Regulated Non-Quarantine Pests) die nog benoemd moeten worden, ook op zaden. De verwachting is dat er niet veel zal veranderen bij de groente- en bloemzaden. Naar verwachting worden paspoortplichtig de zaden van: Allium, Capsicum, Phaseolus, Solanum lycopersicum, Pisum sativum, Vicia faba en Helianthus annuus. Nieuw in dit rijtje zijn Capsicum, Pisum sativum en Vicia faba.

In de landbouw worden wel veel meer zaden paspoortplichtig.

Wat kost het wanneer ik met het plantenpaspoort ga werken?

In het uitgewerkte voorbeeld gaat het om de teelt van eindproduct. Voor andere producten raadpleegt u onze tarieven

Let op, het totaalbedrag is afhankelijk van de tijd die de keurmeester nodig heeft. Hierdoor kan het uiteindelijke totaal bedrag afwijken van wat hier genoemd staat. Tevens zijn er jaarlijkse kosten aan registratie bij Naktuinbouw. 

Jaarlijkse bijdrageKosten
Basisbijdrage eindproduct€ 75,-
Plantenpaspoort overeenkomst

€ 150,-

Totaal (Jaarlijks)

€ 225,-

 

Vervolgens per bezoek de volgende kosten:

Gewascontrole en administratieve controleKosten
Bijdrage per keuringsbezoek€ 53,-
Uurtarief

€ 46,50 eerste 30 minuten.

Daarna € 23,25 per kwartier extra

Totaal (per controle)

(Op basis van een inspectietijd van 60 minuten.

Let op, dit is een indicatie)

€ 146,-

Meer informatie over onze tarieven en hoe deze tot stand komen.

Wat is een plantenpaspoort overeenkomst?

Om plantenpaspoortplichtig teeltmateriaal of planten te verhandelen, is een Bedrijfsautorisatie plantenpaspoort met Naktuinbouw nodig. De overeenkomst is nodig om “dagelijks” zelfstandig plantenpaspoorten te maken en gebruiken. Naktuinbouw kan u hiertoe onder voorwaarden “autoriseren”. Samen met Naktuinbouw ondertekent u een overeenkomst. Het plantenpaspoort dat u gaat gebruiken, moet door Naktuinbouw goedgekeurd te worden.

Mag ik wanneer ik importeer vanuit een land buiten de Europese Unie (EU) daar al een plantenpaspoort bevestigen?

Nee!

Bij import van plantenpaspoortplichtige producten zal het land buiten de EU een fytosanitair certificaat (FC) opstellen en meesturen. Bij import in de EU voert de keuringsdienst een controle op het FC en een importinspectie uit. Als het materiaal voldoet aan alle eisen voor de EU, dan kan de importeur over het materiaal beschikken. Vanaf dat moment mag een plantenpaspoort gebruikt worden.

 

2. Registratie

Bent u nog niet geregistreerd bij Naktuinbouw?

Dit is nodig om het fytosanitaire registratienummer te verkrijgen. U kunt uw bedrijf makkelijk via onze website aanmelden voor registratie. Nadat we uw aanvraag hebben verwerkt nemen we contact met u op voor een kennismakingsbezoek. Tijdens dit bezoek zal de keurmeester al uw vragen beantwoorden die u eventueel nog heeft.

Waarom krijg ik een nieuw fytosanitair registratienummer?

Door de nieuwe EU-Plantgezondheidsverordening 2016/2031/EU (Plant Health Regulation in het Engels) mag ieder bedrijf slechts één keer met een officieel, uniek, fytosanitair registratienummer worden geregistreerd.
In Nederland hanteren we nu meerdere registratienummers. Om de lasten voor het bedrijfsleven zo laag mogelijk te houden, zoeken de keuringsdiensten en NVWA naar mogelijkheden om één nationale nummersystematiek te hanteren. Zo hoeft een bedrijf zich maar éénmaal te melden bij een loket (keuringsdienst). Alle bedrijven krijgen een nieuw fytosanitair registratienummer. Ook de bedrijven die nu al geregistreerd zijn bij een keuringsdienst.

Hoe gaat het fytosanitair registratienummer eruit zien?

Dit is een 9-cijferig nummer. Op het plantenpaspoort (bij letter B:) wordt dit voorafgegaan door NL en een streepje. Voorbeeld: NL-123456789

Waar kan ik mijn nieuwe fytosanitaire registratienummer aanvragen?

Het streven van de NVWA is om begin 2019 een operationeel register beschikbaar te hebben. Bedrijven die nu al geregistreerd zijn bij Naktuinbouw zullen, medio december 2018, automatisch het nieuwe fytosanitaire registratienummer krijgen. Voor incidentele gevallen kunt U bij ons nu al een nieuw fytosanitaire registratienummer aanvragen, via e-mail. Wij hebben daarna contact met NVWA; het nieuwe 9-cijferige nummer komt uit hun database. Doorlooptijd van dit proces in principe 5-7 werkdagen.

Krijgt elk gewas/teelt op mijn bedrijf een ander plantenpaspoortnummer?

Ieder bedrijf wordt onder de nieuwe wetgeving geregistreerd met één officieel, nationaal fytosanitair registratienummer. U gebruikt dus één bedrijfsregistratienummer voor alle gewassen/teelten van uw bedrijf.

 

3. Gegevens en uiterlijk van het nieuwe plantenpaspoort

Wat moet er op het nieuwe plantenpaspoort staan?

De formats van de paspoorten zijn inmiddels officieel bekend. Deze vloeien voort uit uitvoeringsverordening 2017/2313/EU.
De gepresenteerde formats zijn voorbeelden waaraan een plantenpaspoort per 14 december 2019 moet voldoen. In deel A van de bijlagen van 2017/2313/EU staan voorbeelden van gewone plantenpaspoorten. De geest van de wet is dat de paspoorten de informatie bevatten die in de verordening wordt vermeld en dat paspoorten in de praktijk bij deze lay-outs aansluiten.
Dit zijn de vaste elementen op het plantenpaspoort:
• in de linkerbovenhoek: de EU-vlag (in kleur of zwart-wit)
• in de rechterbovenhoek: het woord ‘Plantenpaspoort / Plant Passport’
• 'A' + botanische naam
• 'B' + ISO-code lidstaat, koppelteken, registratienummer
• 'C' + traceerbaarheidscode
• 'D' + ISO-code land van oorsprong/productie, ook als dit Nederland is.

Hoe moet het plantenpaspoort eruit zien?

In verordening 2017/2313/EU zijn de vormvoorschriften voor het nieuwe plantenpaspoort aangegeven met een aantal voorbeelden. De vorm en grootte mogen afwijken, u kunt dus zelf kiezen voor lettertype en grootte. Wat verder van belang is: de informatie moet zichtbaar zijn, met blote oog leesbaar, geplaatst in rechthoekige of vierkante vorm, gescheiden van andere aanduidingen en afbeeldingen. De onderdelen met letters A, B , C en D moeten herkenbaar zijn.

Hieronder een voorbeeld: vorm, grootte en lettertype mogen afwijken.

Welke kleur gebruik ik voor de lay-out op het plantenpaspoort?

Hiervoor verwijzen we u naar het verordening 2017/2313/EU.
Citaat: The flag of the Union may be printed in colour, or in black and white, either with white stars on black background or vice versa.

Het belangrijkst is de vlag van de EU.

De vlag van de EU moet duidelijk herkenbaar zijn. Dit wil zeggen; een rechthoekige vorm met 12 sterren geplaatst in een cirkel. Het heeft de voorkeur de vlag af te beelden in blauw met gele sterren. Andere variaties zijn echter ook mogelijk. Bijvoorbeeld:

  • zwart-wit
  • wit-zwart
  • In twee contrasterende kleuren (bijvoorbeeld een achtergrond kleur waarop een silhouette van de EU vlag wordt gedrukt)

De tekst op het plantenpaspoort moet duidelijk leesbaar zijn. Er is hierover geen kleur voorgeschreven.

Wat verstaan we onder botanische naam?

Botanische namen kunnen bestaan uit 1 deel (geslacht), 2 delen (geslacht + soort) of 3 delen (geslacht + soort + cultivar).
Verordening 2017/2313/EU praat over 'botanische naam van de plantensoorten of taxa...' en facultatief de naam van de variëteit.
Botanische naam op het plantenpaspoort is dus minimaal op geslachtsniveau, maar mag met soort en zelfs daarna nog met cultivar worden uitgebreid.

In bepaalde gevallen, bijv. bij een tray met gemengde cactussen, is volgens de NVWA ook de familienaam (in dit geval Cactaceae) te gebruiken.

Welke botanische naam gebruik ik als er meerdere geslachten in één product zijn verwerkt?

We kennen als producten zgn. arrangementen (bijv. bakjes met meerdere plantengeslachten), ‘hanging baskets’ etc.  In die gevallen mogen er op één plantenpaspoort (dat op die bak, of aan die baset is bevestigd) meerdere botanische namen vermeld worden.

Wanneer is een traceerbaarheidscode nodig?

De traceerbaarheidscode (EN: Traceability code, zie punt 5 in de bijlage van verordening 2017/2313/EU) is verplicht voor bijna alle plantenpaspoorten. Maar voor planten die zonder verdere voorbereiding klaar zijn voor verkoop aan de eindgebruiker (dus in de 'eindverpakking'), is deze code niet verplicht (zie art. 83.2a van de PHR). Dat betekent dat u op die producten dus geen 'unieke' traceerbaarheidscode/partijnummer o.i.d. hoeft mee te gegeven. Potten, hoezen of steeketiketten kunt u dan dus bijvoorbeeld allemaal met dezelfde informatie bedrukken.

Maar:
De Europese Commissie gaat nog een aantal planten benoemen waarvoor deze plicht wél geldt: zij denkt aan alle plantengeslachten die onder Bijlage V-AI van de huidige Fytorichtlijn 2000/29/EG vallen (o.a. bacterievuurwaardplanten, aardappelen en citrus).

Dus: 
U hoeft de traceerbaarheidscode in principe niet te melden op het plantenpaspoort wanneer planten voor de eindconsument bestemd en klaargemaakt zijn. Er komen hier wel te zijner tijd een aantal uitzonderingen op. Het is verstandig rekening te houden met de mogelijkheid dat de traceerbaarheidscode toch nog vermeld moet worden op deze paspoorten. De letter C moet altijd op het plantenpaspoort staan, ook als de traceringscode niet verplicht is. In dat geval staat er achter C dan dus geen informatie.

Waar moet ik aan denken bij traceerbaarheidscode?

Traceerbaarheidscode is de code die tracering binnen de eigen bedrijfsadministratie mogelijk maakt. We denken hierbij aan een uniek partijnummer. Dit kan heel goed hetzelfde nummer zijn dat u ook vermeldt op het leveranciersdocument.

Wat is het land van oorsprong?

Achter letter 'D' komt de tweeletter-code van het land van oorsprong: een EU-lidstaat of een derde land (als het van buiten EU is geïmporteerd). Ook NL vermelden als het NL product is.

Product van buiten NL wordt op een gegeven moment “fytosanitair Nederlands".

Hiervoor zijn regels opgesteld door de NVWA:

  • Stekken, kruidachtige vaste planten, potplanten: na 4 weken
  • Houtige gewassen, bollen: na 1 volledige vegetatiecyclus (groeiseizoen)
  • Bonsai-planten en planten van Citrus-achtigen: na 2 maanden

Moet ik mijn bestaande documenten/opdrukken aanpassen?

Ja. Denk daarbij aan alle informatiedragers waarop u plantenpaspoort gegevens gebruikt. Gebruikt u het leveranciersdocument als plantenpaspoort? Lees dan ook Mag ik het plantenpaspoort combineren met het leveranciersdocument.

Wat moet ik regelen om zelf mijn plantenpaspoort aan te mogen brengen?

Naktuinbouw kan u hiervoor autoriseren. Vul het formulier Bedrijfsautorisatie plantenpaspoort digitaal in en stuur het ons per e-mail toe. Zorg ervoor dat u de juiste voorbeelden van de gebruikte plantenpaspoort uitingen (bv. hoes, steeketiket, etc.) als bijlagen bij de mail zitten. Dit mag een foto zijn van de vorm waarin u het plantenpaspoort gaat gebruiken. Zorg ervoor dat deze duidelijk in beeld zijn zodat wij de gegevens van het plantenpaspoort kunnen controleren. Ook moet het duidelijk zijn op welke producten u het plantenpaspoort gaat gebruiken. Bijvoorbeeld een foto van het steeketiket, tray of hoes.

Na de controle van de aanvraag voor autorisatie en de voorbeelden krijgt u een bevestiging dat u geautoriseerd bent. Voor het volledig invullen van de autorisatie is ook het fytosanitaire registratienummer en het Naktuinbouw relatienummer nodig. Zorg er dus voor dat u deze klaar hebt liggen.

Waar moet ik het plantenpaspoort op aanbrengen?

Het plantenpaspoort moet u per kleinste handelseenheid aanbrengen volgens art. 88 van de Plantgezondheidsverordening. Dat kan dus per vrachtwagen zijn, bijv. een vrachtwagen met groenteplanten die naar de groenteteler gaat. Maar bij bijvoorbeeld potplanten die via de veiling worden afgezet denken we eerder aan een plantenpaspoort per pot, tray, doos, etc. In dat geval kan de handel de partij makkelijk splitsen zonder dat er een nieuwe plantenpaspoort bij hoeft.

Het plantenpaspoort moet zichtbaar zijn. Zichtbaar, wat is dat?

Het formaat van het plantenpaspoort, het lettertype en de lettergrootte is vrij. Uitgangspunt is dat het leesbaar is met het blote oog. Daarnaast spreken we ook regels af over de vindbaarheid van het plantenpaspoort. Uitgangspunt is dat het plantenpaspoort in één oogopslag zichtbaar is.

Voor specifieke gevallen is er afstemming met de NVWA. Over de volgende situaties is uitsluitsel:

Wat mag wel?

  • Wanneer het plantenpaspoort is gedrukt op de pot waarin geteeld wordt, dan mag deze alsnog voorzien worden van een ompot, hoes, etc.
  • Het plantenpaspoort mag op de achterzijde van een kistkaartje wat los in een daarvoor bestemde gleuf van een tray wordt geschoven.
  • Als het gaat om kleinverpakkingen met plantenpaspoort in een omdoos, dan is er geen plantenpaspoort aan buitenzijde van de omdoos noodzakelijk.

Wat mag niet?

  • Het plantenpaspoort dusdanig op de drager (etiket, label, sticker, etc.) plaatsen dat deze in het groeimedium verdwijnt.
  • Het plantenpaspoort mag niet op de achterzijde van een kistkaartje wat aan een verpakking wordt vastgemaakt (lijm, spijkers, nietjes, etc.)

Mag ik het plantenpaspoort combineren met een leveranciersdocument?

Nee, dat mag niet meer op de huidige wijze. Alleen in uitzonderlijke gevallen is het mogelijk om het leveranciersdocument te gebruiken als plantenpaspoort. Belangrijk is dan dat:

  • Het plantenpaspoort op het leveranciersdocument in het voorgeschreven format wordt gebruikt.
  • Alle producten in één vervoersmiddel op hetzelfde moment vervoerd moeten worden. Is dit niet het geval dan moeten er net zoveel plantenpaspoorten als vervoersmiddelen worden gebruikt.
  • Het leveranciersdocument vast zit aan de handelseenheid (niet separaat!)

Als handvat hebben wij een uitgewerkt voorbeeld leveranciersdocument als drager plantenpaspoort gemaakt. Hierin is ook uitleg verwerkt over de verschillende items.

Op een zaadverpakking mag U het plantenpaspoort printen, mits duidelijk gescheiden van de overige gegevens.

Waarmee mag ik het plantenpaspoort wel combineren?

Het plantenpaspoort mag gecombineerd worden met andere officiële labels. In de tuinbouwsector kennen we die alleen als certificeringslabels bij grootfruit en softfruit.

Verder mag het gecombineerd worden met andere gegevensdragers zoals potten, hoezen, steeketiketten, kleurenlabels e.d. Belangrijk voorwaarde is steeds dat het plantenpaspoortformat duidelijk herkenbaar en volledig is, en dat het duidelijk afgescheiden is van de overige informatie. Dit kan door middel van een scheidingslijn of anderszins duidelijk gescheiden van andere aanduidingen of afbeeldingen, zodat zij gemakkelijk zichtbaar en duidelijk leesbaar is.

Komt er een apart plantenpaspoort voor beschermde gebieden?

Voor verhandeling naar beschermde gebieden komen speciale paspoorten. In de huidige situatie heten de beschermde gebieden Zone Protecta (ZP). In de nieuwe situatie verandert dit in Protected Zone (PZ). Zie verordening 2017/2313/EU, bijlage, deel B. Daarop moet u dus PZ vermelden, en de wetenschappelijke naam of code voor organisme. Het is nog onduidelijk of de codes (bijv. b2, a2) hetzelfde blijven als nu. Er is ook sprake van dat de EPPO-codes voor organismen gebruikt gaan worden.

Hoelang zijn de oude plantenpaspoorten nog geldig bij producten die nu al plantenpaspoortplichtig zijn?

Er komt een overgangstermijn. De oude plantenpaspoorten blijven nog geldig tot 14 december 2023. Maar die moeten dan wel vóór 14 december 2019 op de producten zijn aangebracht. Denk bijv. aan planten die in de periode daarvoor in omloop zijn gebracht. En aan zaden die al eerder voor-verpakt zijn.

Maar vanaf 14 december 2019 moet u wél de nieuwe plantenpaspoorten aanbrengen op producten die dan in omloop komen. Zorgt u dus voor niet teveel voorraad.

Waarom kan ik nu nog niet beginnen met nieuwe plantenpaspoorten?

Als u producten hebt die nu al paspoortplichtig zijn, moet u tot 14 december 2019 aan de huidige (oude) eisen blijven voldoen. Het nieuwe paspoort mist twee onderdelen die wel op het huidige staan: de verantwoordelijke keuringsdienst (bijvoorbeeld Naktuinbouw, NAK of BKD) en het aantal of gewicht van het product waarvoor het paspoort geldt.

U kunt al wel met de nieuwe lay-out werken, mits dan 'Naktuinbouw' en het aantal/gewicht toch vermeld worden (onder de gegevens die in de nieuwe lay-out vermeld moeten worden). Deze nieuwe lay-out moet dan wel opnieuw geautoriseerd worden door Naktuinbouw. In deze nieuwe lay-out kunt u het nieuwe fytosanitair registratienummer direct gebruiken.

Wanneer kan ik beginnen met het nieuwe plantenpaspoort bij producten die voor het eerst paspoortplichtig worden?

U kunt per 1 januari 2019 starten het nieuwe plantenpaspoort te gebruiken op producten die op dit moment, volgens de huidige (oude) regelgeving, nog niet paspoortplichtig zijn.

U moet dan wel aan de eisen voldoen: u moet geregistreerd zijn (volgens nieuwe registratie-eis) en geautoriseerd om zelf plantenpaspoorten te mogen bevestigen. En het gewas/de teelt moet aan de inspectie-eisen voldoen (minimaal één keer gekeurd en gewas voldoet aan de normen).

Mag een afnemer (bijv een grootwinkelbedrijf of  inkoopcentrale van tuincentra) aan zijn leverancier plantenpaspoortstickers ter beschikking stellen met bijvoorbeeld zijn eigen logo erop, of bijvoorbeeld vragen om dit op de pot of hoes te printen?

Ja dat mag. Maar bij iedere leverancier moet er dan wel het eigen fytosanitaire registratienummer van die leverancier op staan. En het land van herkomst. Dus de afnemer mag best stickers of steeketiketten etc. aanleveren met bijvoorbeeld zijn logo er op, maar per leverancier zijn de gegevens deels verschillend. En de plantenpaspoort gegevens moeten vervolgens herkenbaar, bij elkaar, zijn vermeld.

Lees hier meer over de achtergrond van het hoe en waarom van de Plantgezondheidsverordening.

Staat uw vraag er niet bij of wilt u extra informatie, neem dan contact op met de Teamadministratie Bloemen- en groentegewassen via (071) 332 61 29 of via  e-mail.

Aan deze lijst van vraag en antwoord kunnen geen rechten worden ontleend. Naktuinbouw stelde in overleg met de NVWA de lijst met antwoorden zo zorgvuldig mogelijk samen. Uiteraard zijn de Europese verordeningen 2016/2031 en 2017/2313 en de daarop steunende regelgeving bepalend. Voor vragen of opmerkingen neemt u contact met Ron Bleijswijk, Hoofd Keuringen, tel. (071) 332 62 78.